29.3.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 93/14
Arrest van het Hof (Tiende kamer) van 6 februari 2014 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Landgericht Bonn — Duitsland) — Mömax Logistik GmbH/Bundesamt für Justiz
(Zaak C-528/12) (1)
(Prejudiciële verwijzing - Ondernemingsrecht - Richtlijn 78/660/EEG - Openbaarmaking van geconsolideerde jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen - Toepassing van voorschriften voor openbaarmaking van deze rekening op ondernemingen die vallen onder recht van lidstaat en behoren tot groep waarvan moederonderneming valt onder recht van andere lidstaat)
2014/C 93/21
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Landgericht Bonn
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Mömax Logistik GmbH
Verwerende partij: Bundesamt für Justiz
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Landgericht Bonn — Uitlegging van artikel 49 VWEU en artikel 57, lid 1, van de Vierde richtlijn (78/660/EEG) van de Raad van 25 juli 1978 op de grondslag van artikel 54, lid 3, sub g, van het Verdrag betreffende de jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen (PB L 222, blz. 11) — Recht van de lidstaten om de bepalingen van richtlijn 78/660/EEG betreffende de inhoud, de controle en de openbaarmaking van de jaarrekening niet toe te passen op dochterondernemingen die onder hun nationale recht vallen als de moederonderneming onder het recht van een lidstaat valt — Regeling van een lidstaat op grond waarvan deze mogelijkheid wordt geboden indien de moederonderneming onder het eigen recht valt, maar niet wanneer zij onder het recht van een andere lidstaat valt
Dictum
Artikel 57 van de Vierde richtlijn (78/660/EEG) van de Raad van 25 juli 1978 op de grondslag van artikel 54, lid 3, sub g, van het Verdrag betreffende de jaarrekening van bepaalde vennootschapsvormen, zoals gewijzigd bij richtlijn 2006/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2006, moet aldus worden uitgelegd dat het in de weg staat aan de regeling van een lidstaat die een onder het recht van die staat vallende dochteronderneming slechts vrijstelt van de bepalingen van deze richtlijn betreffende de inhoud, de controle en de openbaarmaking van de jaarrekening wanneer ook de moederonderneming onder het recht van die lidstaat valt.
(1) PB C 63 van 2.3.2013.
Full & Egal Universal Law Academy