4.8.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 253/8
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 22 mei 2014 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Employment Tribunal, Leicester — Verenigd Koninkrijk) — Z. J. R. Lock/British Gas Trading Limited
(Zaak C-539/12) (1)
((Sociale politiek - Organisatie van arbeidstijd - Richtlijn 2003/88/EG - Recht op jaarlijkse vakantie met behoud van loon - Samenstelling van beloning - Basisloon en van gerealiseerde omzet afhankelijke provisie))
2014/C 253/10
Procestaal: Engels
Verwijzende rechter
Employment Tribunal, Leicester
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Z. J. R. Lock
Verwerende partij: British Gas Trading Limited
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Employment Tribunal, Leicester — Verenigd Koninkrijk — Uitlegging van artikel 7 van richtlijn 93/104/EG van de Raad van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd (PB L 307, blz. 18), zoals gewijzigd bij richtlijn 2003/88/EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 november 2003 (PB L 299, blz. 9) — Consultant die een basisloon ontvangt gecombineerd met een maandelijkse provisie die afhankelijk is van de gerealiseerde omzet en van het aantal gesloten verkoopovereenkomsten, en die achteraf wordt betaald — Behoud van het basisloon tijdens de jaarlijkse vakantie, maar niet van de provisie, met uitzondering van die welke verbonden is met prestaties verricht vóór de vakantie
Dictum
1)
Artikel 7, lid 1, van richtlijn 2003/88/EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 november 2003 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd, moet in die zin worden uitgelegd dat het zich verzet tegen nationale voorschriften en praktijken op grond waarvan een werknemer wiens beloning bestaat uit ten eerste een basisloon en ten tweede een provisie waarvan het bedrag wordt bepaald op basis van de overeenkomsten die door de werkgever worden gesloten naar aanleiding van door deze werknemer tot stand gebrachte verkopen, uit hoofde van zijn jaarlijkse vakantie met behoud van loon slechts recht heeft op een beloning die uitsluitend bestaat uit zijn basisloon.
2)
De methoden voor de berekening van de provisie waarop een werknemer als de verzoeker in het hoofdgeding recht heeft uit hoofde van zijn jaarlijkse vakantie met behoud van loon, moeten door de nationale rechter worden beoordeeld op basis van de in de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie geformuleerde regels en criteria en in het licht van het met artikel 7 van richtlijn 2003/88 nagestreefde doel.
(1) PB C 46 van 16.2.2013.
Full & Egal Universal Law Academy