3.8.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 225/43
Beschikking van het Hof (tiende kamer) van 21 maart 2013 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Tribunal da Relação de Guimarães — Portugal) — Maria Adília Monteiro Pinto/Companhia de Seguros Allianz Portugal SA
(Zaak C-96/12) (1)
(Artikel 99 Reglement voor de procesvoering - Verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid waartoe deelneming aan verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven - Richtlijnen 72/166/EEG, 84/5/EE en 90/232/EEG - Recht op schadeloosstelling door verplichte verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid waartoe deelneming aan verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven - Wettelijke aansprakelijkheid van verzekerde - Bijdrage van slachtoffer aan schade - Uitsluiting of beperking van recht op schadeloosstelling)
2013/C 225/74
Procestaal: Portugees
Verwijzende rechter
Tribunal da Relação de Guimarães
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Domingos Freitas, Maria Adília Monteiro Pinto
Verwerende partij: Companhia de Seguros Allianz Portugal SA
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Tribunal da Relação de Guimarães — Uitlegging van richtlijn 72/166/EEG van de Raad van 24 april 1972 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe de deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven en de controle op de verzekering tegen deze aansprakelijkheid (PB L 103, blz. 1), richtlijn 84/5/EEG van de Raad van 30 december 1983 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe de deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven (PB 1984, L 8, blz. 17), richtlijn 90/232/EEG van de Raad van 14 mei 1990 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven (PB L 129, blz. 33, in het bijzonder artikel 1 bis), richtlijn 2000/26/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 mei 2000 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven en houdende wijziging van de richtlijnen 73/239/EEG en 88/357/EEG van de Raad (Vierde richtlijn motorrijtuigenverzekering) (PB L 181, blz. 65), en richtlijn 2005/14/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2005 houdende wijziging van de richtlijnen 72/166/EEG, 84/5/EEG, 88/357/EEG en 90/232/EEG van de Raad en richtlijn 2000/26/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven (PB L 149, blz. 14) — Nationale bepalingen op grond waarvan het recht van het slachtoffer op schadeloosstelling bij een ongeval mag worden uitgesloten of beperkt op basis van een beoordeling aan zijn bijdrage tot zijn eigen schade — Ongeval tussen een motorvoertuig en een fietser dat is veroorzaakt door deze laatste
Dictum
Richtlijn 72/166/EEG van de Raad van 24 april 1972 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe de deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven en de controle op de verzekering tegen deze aansprakelijkheid, de tweede richtlijn 84/5/EEG van de Raad van 30 december 1983 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen der lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe de deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven, en de derde richtlijn 90/232/EEG van de Raad van 14 mei 1990 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven, moeten aldus worden uitgelegd dat zij niet in de weg staan aan nationale bepalingen op het gebied van de wettelijke aansprakelijkheid op grond waarvan het recht van het slachtoffer van een ongeval op schadeloosstelling door de verzekering tegen wettelijke aansprakelijkheid van het bij het ongeluk betrokken voertuig, kan worden uitgesloten of beperkt op basis van een individuele beoordeling van de uitsluitende of gedeeltelijke bijdrage van dat slachtoffer tot zijn eigen schade.
(1) PB C 138 van 12.05.2012
Full & Egal Universal Law Academy