3.8.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 225/52
Beschikking van het Hof (Tiende kamer) van 20 juni 2013 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Tribunale di Cosenza — Italië) — CCIAA di Cosenza/Ciesse srl
(Zaak C-468/12) (1)
(Prejudiciële verwijzing - Reglement voor procesvoering - Artikelen 53, lid 2, 93, sub a, en 99 - Richtlijn 2008/7/EG - Indirecte belastingen op bijeenbrengen van kapitaal - Artikel 5, lid 1, sub c - Werkingssfeer - Jaarlijks recht betaald aan plaatselijke kamers van koophandel, industrie, ambacht en landbouw)
2013/C 225/92
Procestaal: Italiaans
Verwijzende rechter
Tribunale di Cosenza
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Camera di Commercio, Industria, Artigianato e Agricoltura (CCIAA) di Cosenza
Verwerende partij: Ciesse srl, gefailleerd
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Tribunale Ordinario di Cosenza — Uitlegging van artikel 5 van richtlijn 2008/7/EG van de Raad van 12 februari 2008 betreffende de indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal (PB L 46, blz. 11) — Heffing van jaarlijks recht wegens inschrijving in door plaatselijke kamers van koophandel bijgehouden vennootschapsregister — Jaarlijks recht waarvan het bedrag voor eenmansondernemingen, landbouwmaatschappen („societá semplici”) en advocatenmaatschappen op gunstigere wijze vastgesteld dan voor de andere kapitaalvennootschappen
Dictum
Artikel 5, lid 1, sub c, van richtlijn 2008/7/EG van de Raad van 12 februari 2008 betreffende de indirecte belastingen op het bijeenbrengen van kapitaal moet aldus worden uitgelegd dat het niet in de weg staat aan de heffing van een jaarlijks recht, zoals het in het hoofdgeding aan de orde zijnde recht, dat aan de kamers van koophandel, industrie, ambacht en landbouw wordt betaald door elke onderneming die in het door deze kamers bijgehouden register is ingeschreven of vermeld, en in beginsel op basis van de omzet van de onderneming wordt berekend, maar voor bepaalde categorieën van ondernemingen en in het bijzonder voor ondernemingen die toebehoren aan of gevoerd worden door een enkele natuurlijke persoon, forfaitair wordt vastgesteld.
(1) PB C 399 van 22. 12. 2012.
Full & Egal Universal Law Academy