26.5.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 151/17
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Consiglio di Stato (Italië) op 29 februari 2012 — Ministero per i beni e le attività culturali e.a./Ordine degli Ingegneri di Verona e Provincia e.a.
(Zaak C-111/12)
2012/C 151/30
Procestaal: Italiaans
Verwijzende rechter
Consiglio di Stato
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Ministero per i beni e le attività culturali, Ordini degli Ingegneri delle Province di Venezia, di Padova, di Treviso, di Vicenza, di Verona e Provincia, di Rovigo e di Belluno
Verwerende partijen: Ordine degli Ingegneri di Verona e Provincia, Consiglio Nazionale degli Ingegneri, Consiglio Nazionale degli Architetti, Pianificatori, Paesaggisti e Conservatori, Alessandro Mosconi, Comune di S. Martino Buon Albergo, Ordine degli Architetti Pianificatori Paesaggisti e Conservatori della Provincia di Verona, Istituzione di Ricovero e di Educazione di Venezia (IRE), Ordine degli Architetti di Venezia
Prejudiciële vragen
1)
Verzet richtlijn 85/384/EEG (1), voor zover hierbij (in de artikelen 10 en 11), bij wijze van overgangsregeling, staatsburgers van andere lidstaten die over de uitdrukkelijk vermelde titels beschikken, worden toegelaten tot werkzaamheden op het vlak van de architectuur, zich ertegen dat in Italië een administratieve praktijk als rechtmatig wordt beschouwd, die artikel 52, lid 2, eerste deel, van regio decreto nr. 2537 van 1925 als rechtsgrondslag heeft en die bepaalde werkzaamheden aan gebouwen van artistiek belang voorbehoudt aan kandidaten die de titel van „architect” dragen of aan kandidaten die aantonen dat zij over bijzondere bekwaamheden beschikken die specifiek zijn voor het vlak van erfgoed en aanverwante sectoren en die bovenop die komen die gewoonlijk toegang verlenen tot werkzaamheden op het vlak van architectuur in de zin van genoemde richtlijn?
2)
Mag deze praktijk met name inhouden dat ook uit andere lidstaten dan Italië afkomstige vaklieden, hoewel zij beschikken over een titel die in beginsel het verrichten van werkzaamheden op het vlak van de architectuur toelaat, worden onderworpen aan een specifieke controle van hun beroepsbekwaamheid (net zoals het geval is voor Italiaanse vaklieden bij het bekwaamheidsexamen voor het beroep van architect) met het oog op de toegang tot de in artikel 52, lid 2, eerste deel, van regio decreto nr. 2357 van 1925 bedoelde beroepswerkzaamheden?
(1) PB L 223, blz. 15.
Full & Egal Universal Law Academy