12.5.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 138/8
Hogere voorziening ingesteld op 9 maart 2012 door Stichting Woonlinie e.a. tegen de beschikking van het Gerecht (Zevende kamer) van 16 december 2011 in zaak T-202/10, Stichting Woonlinie e.a. tegen Europese Commissie
(Zaak C-133/12 P)
2012/C 138/13
Procestaal: Nederlands
Partijen
Rekwirantes: Stichting Woonlinie, Stichting Allee Wonen, Woningstichting Volksbelang, Stichting WoonInvest, Stichting Woonstede (vertegenwoordigers: P. Glazener en E. Henny, advocaten, en L. Hancher, hoogleraar)
Andere partij in de procedure: Europese Commissie
Conclusies
—
De beschikking (van het Gerecht (Zevende kamer) van 16 december 2011 in zaak T-202/10) conform de in deze hogere voorziening aangevoerde middelen geheel dan wel gedeeltelijk nietig te verklaren;
—
De zaak terug te verwijzen naar het Gerecht voor een nieuwe beoordeling in overeenstemming met de rechtsopvattingen van het Hof;
—
De Commissie in de kosten van deze procedure alsmede in de kosten van de procedure voor het Gerecht te veroordelen.
Middelen en voornaamste argumenten
1)
Volgens het eerste middel heeft het Gerecht het Unierecht geschonden, de relevante feiten onjuist beoordeeld en de beschikking gebrekkig gemotiveerd, door verzoeksters slechts als potentieel begunstigden van de door de Commissie goedgekeurde steunregeling aan te merken. Het Gerecht miskent dat verzoeksters voor het besluit (1) profiteerden van bestaande steunmaatregelen, die als gevolg van het besluit dienden te worden gewijzigd. Verzoeksters zijn derhalve niet slechts potentieel begunstigden van de gewijzigde steunmaatregelen, maar tevens daadwerkelijk begunstigden van de bestaande steunmaatregelen. In die laatste hoedanigheid worden zij door het bestreden besluit wel degelijk individueel geraakt.
2)
Volgens het tweede middel heeft het Gerecht het Unierecht geschonden, de relevante feiten onjuist beoordeeld, en de beschikking gebrekkig gemotiveerd door te oordelen dat verzoeksters geen deel uitmaken van een gesloten kring van bestaande woningcorporaties. Een zuiver theoretische mogelijkheid dat een bepaalde groep begunstigden van een steunmaatregel nog zal worden uitgebreid, is onvoldoende om deze groep niet als een gesloten groep aan te merken. Bovendien vormen de bestaande woningcorporaties een gesloten groep, nu zij zwaarder worden getroffen door het besluit dan een hypothetische instelling, die na het besluit nog als woningcorporatie zou worden toegelaten.
(1) C(2009) 9963 def. van de Commissie van 15 december 2009 inzake de steunmaatregelen E 2/2005 en N 642/2009 — (Nederland) — Bestaande steun en bijzondere projectsteun aan woningcorporaties
Full & Egal Universal Law Academy