16.2.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 46/13
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Employment Tribunal (Verenigd Koninkrijk) op 26 november 2012 — ZJR Lock/British Gas Trading Limited & Others
(Zaak C-539/12)
2013/C 46/25
Procestaal: Engels
Verwijzende rechter
Employment Tribunal
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: ZJR Lock
Verwerende partijen: British Gas Trading Limited en anderen
Prejudiciële vragen
1)
Moet artikel 7 van richtlijn 93/104/EG (1), zoals gewijzigd bij richtlijn 2003/88/EG (2), aldus worden uitgelegd dat wanneer:
i)
het jaarloon van een werknemer bestaat uit een basisloon en een contractueel bedongen recht op provisie;
ii)
de provisie wordt betaald op basis van de verkopen die de werkgever heeft gerealiseerd en de overeenkomsten die bij heeft gesloten door bemiddeling van de werknemer;
iii)
de provisie achteraf wordt betaald en de in een bepaald referentietijdvak ontvangen provisie varieert naargelang de waarde van de gerealiseerde verkopen en gesloten overeenkomsten en het tijdstip van die verkopen;
iv)
de werknemer tijdens jaarlijkse vakantieperiodes geen arbeid verricht die hem recht op deze provisie zou geven en die voor deze periodes dus geen provisie doet ontstaan;
v)
de werknemer voor de betalingsperiode die een jaarlijkse vakantieperiode omvat, recht heeft op het basisloon en verder provisie zal ontvangen voor eerder ontstane aanspraken op provisie; en
vi)
zijn gemiddelde inkomsten uit provisie over het jaar lager zijn dan het geval zou zijn geweest indien hij geen vakantie had genomen aangezien de werknemer tijdens de vakantie geen arbeid heeft verricht die hem recht geeft op provisie,
deze bepaling verlangt dat de lidstaten maatregelen nemen om te verzekeren dat deze werknemer tijdens de jaarlijkse vakantieperiodes naast zijn basisloon een vergoeding ontvangt op basis van de provisie die hij tijdens die periode had kunnen verdienen indien hij geen vakantie had genomen?
2)
Welke beginselen zijn bepalend voor het antwoord op vraag 1.1?
3)
Bij een bevestigend antwoord op vraag 1.1: welke beginselen (indien er zijn) dienen de lidstaten te hanteren bij de berekening van het bedrag dat aan de werknemer moet worden betaald op basis van de provisie die hij zou hebben verdiend of had kunnen verdienen indien hij geen jaarlijkse vakantie had genomen?
(1) Richtlijn 93/104/EG van de Raad van 23 november 1993 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd, PB L 307, blz. 18.
(2) Richtlijn 2003/88/EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 november 2003 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd, PB L 299, blz. 9.
Full & Egal Universal Law Academy