2.2.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 32/9
Hogere voorziening ingesteld op 3 december 2012 door de Helleense Republiek tegen het arrest van het Gerecht (Vijfde kamer) van 4 oktober 2012 in zaak T-215/10, Griekenland/Commissie
(Zaak C-552/12 P)
2013/C 32/13
Procestaal: Grieks
Partijen
Rekwirant: Helleense Republiek (vertegenwoordigers: I. Chalkias en E. Leftheriotou, gemachtigden)
Andere partij in de procedure: Europese Commissie
Conclusies
—
De Helleense Republiek verzoekt het Hof van Justitie van de Europese Unie de onderhavige voorziening toe te wijzen en het bestreden arrest van het Gerecht in volle omvang te vernietigen, zoals in bijzonderheden uiteengezet, en de Commissie in de kosten te verwijzen.
Middelen en voornaamste argumenten
—
Met betrekking tot de correcties in de sector katoen, met name de verenigbaarheid van de steunregeling voor de katoenteelt met het IACS (Integrated Administration and Control System) voert de Helleense Republiek de volgende vernietigingsgronden aan:
—
Schending van het recht van de Unie: onjuiste uitlegging en toepassing van de artikelen 6, 7 en 17 van verordening (EG) nr. 1051/2001 en van artikel 10, leden 1 en 2, sub c en e, van verordening (EG) nr. 1591/2001; ontoereikende motivering; schending van het evenredigheidsbeginsel.
—
Schending van het recht van de Unie: onjuiste uitlegging en toepassing van de bepalingen van artikel 17 van verordening (EG) nr. 1051/2001; ontoereikende en tegenstrijdige motivering.
—
Met betrekking tot de milieumaatregelen worden de volgende vernietigingsgronden aangevoerd:
—
Schending van het recht van de Unie: onjuiste uitlegging en toepassing van de richtsnoeren en het evenredigheidsbeginsel; motiveringsgebrek.
—
Schending van het recht van de Unie: onjuiste uitlegging en toepassing van artikel 7, lid 4, van verordening (EG) nr. 1051/2001 en van artikel 1 van de verordeningen (EG) nr. 1123/2009, nr. 903/2005 en nr. 871/2006; ontoereikende motivering.
—
Schending van de rechten van de verdediging; ontoereikende motivering.
—
Met betrekking tot de correcties in de sector plattelandsontwikkeling voert verzoekster het volgende aan:
—
onjuiste uitlegging en toepassing van het bepaalde in artikel 8, leden 1 en 2, van verordening (EG) nr. 1663/1995, alsook ontoereikende en/of tegenstrijdige motivering.
—
Met betrekking tot de correcties in de sector steun aan behoeftigen voert de Helleense Republiek de volgende vernietigingsgrond aan:
—
onjuiste uitlegging en toepassing van artikel 3, lid 2, van verordening (EEG) nr. 3149/92; ontoereikende en/of tegenstrijdige motivering; schending van het evenredigheidsbeginsel; onjuiste uitlegging en toepassing van de voorschriften voor een billijk proces en een billijke verdeling van de bewijslast; onregelmatigheden in de procedure voor het Gerecht die de belangen van de Helleense Republiek aantasten.
Full & Egal Universal Law Academy