Beschikking van het Hof (Zevende kamer) van 10 oktober 2012 –
Ziemski en Kozak
(Zaak C-31/12)
„Prejudiciële verwijzing – Geen beschrijving van hoofdgeding – Kennelijke niet-ontvankelijkheid”
Prejudiciële vragen – Ontvankelijkheid – Vragen gesteld zonder voldoende precisering van juridische en feitelijke context – Kennelijke niet-ontvankelijkheid (Art 267 VWEU) (cf. punten 6, 7 en dictum)
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing – Sąd Rejonowy w Zakopanem – Uitlegging van het begrip „technisch voorschrift” als bedoeld in artikel 1, punt 11, van richtlijn 98/34/EG van het Europees Parlement en de Raad van 22 juni 1998 betreffende een informatieprocedure op het gebied van normen en technische voorschriften (PB L 204, blz. 37), zoals gewijzigd bij richtlijn 98/48/EG van het Europees Parlement en de Raad van 20 juli 1998 (PB L 217, blz. 18) – Verplichting voor een lidstaat om elk ontwerp van technisch voorschrift aan de Commissie mee te delen – Wet van een lidstaat inzake kansspelen
Dictum
Het door de Sąd Rejonowy w Zakopanem (Polen) bij beslissing van 13 januari 2012 ingediende verzoek om een prejudiciële beslissing is kennelijk niet-ontvankelijk.
Full & Egal Universal Law Academy