25.8.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 282/29
Arrest van het Gerecht van 9 juli 2014 — Al-Tabbaa/Raad
(Gevoegde zaken T-329/12 en T-74/13) (1)
((„Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid - Beperkende maatregelen tegen Syrië - Bevriezing van tegoeden en economische middelen - In-en doorreisbeperking op grondgebied van Unie - Rechten van verdediging - Recht op doeltreffend rechtsmiddel - Motiveringsplicht - Onjuiste beoordeling”))
2014/C 282/38
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: Mazen Al-Tabbaa (Beiroet, Libanon) (vertegenwoordigers: M. Lester, barrister, en G. Martin, solicitor)
Verwerende partij: Raad van de Europese Unie (vertegenwoordigers: S. Kyriakopoulou en V. Piessevaux, gemachtigden)
Voorwerp
Verzoek om nietigverklaring van handelingen van de Raad houdende beperkende maatregelen ten aanzien van verzoeker, te weten, aanvankelijk, uitvoeringsbesluit 2012/256/GBVB van de Raad van 14 mei 2012 tot uitvoering van besluit 2011/782/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Syrië (PB L 126, blz. 9) en uitvoeringsverordening (EU) nr. 410/2012 van de Raad van 14 mei 2012 houdende uitvoering van artikel 32, lid 1, van verordening (EU) nr. 36/2012 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië (PB L 126, blz. 3)
Dictum
1)
Uitvoeringsbesluit 2012/256/GBVB van de Raad van 14 mei 2012 tot uitvoering van besluit 2011/782/GBVB van de Raad betreffende beperkende maatregelen tegen Syrië en uitvoeringsverordening (EU) nr. 410/2012 van de Raad van 14 mei 2012 houdende uitvoering van artikel 32, lid 1, van verordening (EU) nr. 36/2012 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië, worden nietig verklaard, voor zover zij Mazen Al-Tabbaa betreffen.
2)
Besluit 2012/739/GBVB van de Raad van 29 november 2012 betreffende beperkende maatregelen tegen Syrië en houdende intrekking van besluit 2011/782, en uitvoeringsverordening (EU) nr. 1117/2012 van de Raad van 29 november 2012 tot uitvoering van artikel 32, lid 1, van verordening nr. 36/2012, worden nietig verklaard, voor zover zij Al-Tabbaa betreffen.
3)
Uitvoeringsverordening (EU) nr. 363/2013 van de Raad van 22 april 2013 houdende uitvoering van verordening nr. 36/2012, en uitvoeringsbesluit 2013/185/GBVB van de Raad van 22 april 2013 houdende uitvoering van besluit 2012/739 worden nietig verklaard, voor zover zij Al-Tabbaa betreffen.
4)
Besluit 2013/255/GBVB van de Raad van 31 mei 2013 betreffende beperkende maatregelen tegen Syrië wordt nietig verklaard, voor zover het Al-Tabbaa betreft.
5)
De gevolgen van besluit 2013/255 worden gehandhaafd ten aanzien van Al-Tabbaa totdat de gedeeltelijke nietigverklaring van uitvoeringsverordening nr. 363/2013 houdende uitvoering van verordening nr. 36/2012 effect sorteert.
6)
Op het beroep in zaak T-74/13 behoeft niet meer te worden beslist.
7)
De Raad van de Europese Unie draagt zijn eigen kosten alsmede die van verzoeker in zaak T-329/12 en drie vierde van de kosten van verzoeker in zaak T-74/13.
8)
Verzoeker draagt een vierde van zijn eigen kosten in zaak T-74/13.
(1) PB C 273 van 8.9.2012.
Full & Egal Universal Law Academy