28.7.2012
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 227/29
Beroep ingesteld op 6 juni 2012 — EGL e.a./Commissie
(Zaak T-251/12)
2012/C 227/50
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partijen: EGL, Inc. (Houston, Verenigde Staten), CEVA Freight (UK) Ltd (Ashby de la Zouch, Verenigd Koninkrijk), CEVA Freight Shanghai Ltd (Shanghai, China) (vertegenwoordigers: M. Brealey, QC [Queen’s Counsel], S. Love, Barrister, M. Pullen, D. Gillespie en R. Fawcett-Feuillette, Solicitors)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
artikel 1 van beschikking C(2012) 1959 def. van de Commissie van 28 maart 2012 in zaak COMP/39462 — Transitdiensten, in een procedure op grond van artikel 101 VWEU en artikel 53 EER-Overeenkomst, nietig verklaren, voor zover is aangetoond dat verzoeksters hebben deelgenomen aan twee inbreuken op artikel 101, lid 1, VWEU, die betrekking hebben op de New Export System („NES”)-overeenkomst en de Currency Adjustment Factor („CAF”)-overeenkomst;
—
artikel 2 van beschikking C(2012) 1959 def. van de Commissie van 28 maart 2012 nietig verklaren, voor zover verzoeksters daarbij geldboeten worden opgelegd, dan wel, subsidiair; de geldboeten verlagen; en
—
verweerster verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter onderbouwing van hun beroep voeren verzoeksters vier middelen aan.
1)
De Commissie heeft de relevante, door de NES- en de CAF-overeenkomsten bestreken markt niet afgebakend en heeft bijgevolg de grondvoorwaarden voor rechtszekerheid geschonden. Daarmee heeft zij het recht onjuist toegepast en/of de feiten onjuist beoordeeld.
2)
De Commissie heeft niet aangetoond dat de NES-overeenkomst aanzienlijke invloed op de handel tussen EU-lidstaten heeft gehad. Door vast te stellen dat er van een dergelijke invloed sprake is, heeft zij het recht onjuist toegepast en/of de feiten onjuist beoordeeld.
3)
De Commissie heeft voor de NES-overeenkomst een geldboete opgelegd, hoewel zij ten gevolge van verordening (EEG) nr. 141 van de Raad (1), zoals gewijzigd bij verordening (EEG) nr. 3975/87 van de Raad (2), daarvoor niet bevoegd was. Uit dit oogpunt heeft de Commissie geen procesbevoegdheid en/of heeft zij in de bestreden beschikking het recht onjuist toegepast.
4)
De Commissie heeft de intrinsieke waarde van de bewijsmiddelen die door verzoeksters in hun verzoek aan de Commissie om immuniteit of clementie met betrekking tot de CAF-overeenkomst zijn verstrekt, verkeerd ingeschat, aangezien zij Deutsche Post in het kader van de CAF-overeenkomst ten onrechte immuniteit heeft verleend.
(1) Verordening houdende niet-toepassing op de vervoersector van verordening nr. 17 van de Raad (PB 1962, nr. 124, blz. 2751).
(2) Verordening van 14 december 1987 tot vaststelling van de wijze van toepassing van de mededingingsregels op ondernemingen in de sector luchtvervoer (PB L 374, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy