17.11.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 409/10
Arrest van het Hof (Vierde kamer) van 10 september 2014 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Hoge Raad der Nederlanden) — Gemeente ‘s-Hertogenbosch/Staatssecretaris van Financiën
(Zaak C-92/13) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Zesde btw-richtlijn - Artikel 5, lid 7, sub a - Belastbare handelingen - Begrip „levering onder bezwarende titel” - Ingebruikneming, door een gemeente, van een onroerend goed dat voor haar rekening is gebouwd op aan haar toebehorende grond - Werkzaamheden als overheid en als btw-plichtige))
2014/C 409/13
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Hoge Raad der Nederlanden
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Gemeente ’s-Hertogenbosch
Verwerende partij: Staatssecretaris van Financiën
Dictum
Artikel 5, lid 7, sub a, van de Zesde richtlijn (77/388/EEG) van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der lidstaten inzake omzetbelasting — Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag, moet aldus worden uitgelegd dat het van toepassing is in een situatie als die in het hoofdgeding, waarin een gemeente een gebouw in gebruik neemt dat zij op aan haar toebehorende grond heeft laten bouwen en dat zij voor 94 % van de oppervlakte zal gaan gebruiken voor haar activiteiten als overheid en voor 6 % van die oppervlakte voor haar activiteiten als belastingplichtige, waarvan 1 % voor vrijgestelde verrichtingen die geen recht op aftrek van belasting over de toegevoegde waarde geven. Het latere gebruik van het gebouw voor de activiteiten van de gemeente kan echter slechts recht geven op aftrek van voorbelasting die is voldaan ten behoeve van de bestemming als in die bepaling bedoeld, voor dat deel dat overeenstemt met het gebruik voor doeleinden van belastbare handelingen, zulks krachtens artikel 17, lid 5, van de Zesde richtlijn.
(1) PB C 147 van 25.5.2013.
Full & Egal Universal Law Academy