15.9.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 315/11
Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 10 juli 2014 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Verwaltungsgericht Berlin — Duitsland) — Naime Dogan/Bundesrepublik Deutschland
(Zaak C-138/13) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Associatieovereenkomst EEG-Turkije - Aanvullend protocol - Artikel 41, lid 1 - Verblijfsrecht van gezinsleden van Turkse staatsburgers - Nationale regeling op grond waarvan gezinslid dat nationaal grondgebied wil binnenkomen, bewijs van basistaalkennis moet leveren - Toelaatbaarheid - Richtlijn 2003/86/EG - Gezinshereniging - Artikel 7, lid 2 - Verenigbaarheid))
2014/C 315/15
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Verwaltungsgericht Berlin
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Naime Dogan
Verwerende partij: Bundesrepublik Deutschland
Dictum
Artikel 41, lid 1, van het Aanvullend Protocol, ondertekend op 23 november 1970 te Brussel en namens de Europese Economische Gemeenschap gesloten, goedgekeurd en bevestigd bij verordening (EEG) nr. 2760/72 van de Raad van 19 december 1972 houdende sluiting van het Aanvullend Protocol alsmede van het Financieel Protocol welke op 23 november 1970 zijn ondertekend en zijn gehecht aan de Overeenkomst waarbij een Associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Economische Gemeenschap en Turkije, en betrekking hebbende op de voor de inwerkingtreding ervan te treffen maatregelen, moet aldus worden uitgelegd dat de in die bepaling vervatte „standstill-clausule” zich verzet tegen een maatregel van nationaal recht die is ingevoerd na de inwerkingtreding van het aanvullend protocol in de betrokken lidstaat en op grond waarvan de echtgenoten van in die lidstaat woonachtige Turkse staatsburgers die het grondgebied daarvan willen binnenkomen met het oog op gezinshereniging, eerst het bewijs moeten leveren dat zij over een eenvoudige kennis van de officiële taal van die lidstaat beschikken.
(1) PB C 171 van 15.6.2013.
Full & Egal Universal Law Academy