15.9.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 315/16
Arrest van het Hof (Zesde kamer) van 17 juli 2014 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Commissione Tributaria Regionale per la Toscana — Italië) — Equoland Soc. coop. arl/Agenzia delle Dogane — Ufficio delle Dogane di Livorno
(Zaak C-272/13) (1)
([Prejudiciële verwijzing - Belasting over toegevoegde waarde - Zesde richtlijn (77/388/EEG) - Richtlijn 2006/112/EG - Vrijstelling van invoer van goederen die komen te vallen onder ander stelsel van entrepots dan dat van douane-entrepots - Verplichting om goederen daadwerkelijk in entrepot op te slaan - Niet-naleving - Verplichting om btw te betalen, hoewel die al via verleggingsregeling is voldaan])
2014/C 315/23
Procestaal: Italiaans
Verwijzende rechter
Commissione Tributaria Regionale per la Toscana
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Equoland Soc. coop. arl
Verwerende partij: Agenzia delle Dogane — Ufficio delle Dogane di Livorno
Dictum
1)
Artikel 16, lid 1, — in de versie van artikel 28 quater — van de Zesde richtlijn (77/388/EEG) van de Raad van 17 mei 1977 betreffende de harmonisatie van de wetgevingen der lidstaten inzake omzetbelasting — Gemeenschappelijk stelsel van belasting over de toegevoegde waarde: uniforme grondslag, zoals gewijzigd bij richtlijn 2006/18/EG van de Raad van 14 februari 2006, moet aldus worden uitgelegd dat het zich niet verzet tegen een nationale regeling die de vrijstelling van belasting over de toegevoegde waarde bij invoer waarin zij voorziet, afhankelijk stelt van de voorwaarde dat de ingevoerde goederen die met het oog op die belasting onder het stelsel van belastingentrepots worden geplaatst, daadwerkelijk in een dergelijk entrepot worden opgeslagen.
2)
De Zesde richtlijn (77/388), zoals gewijzigd bij richtlijn 2006/18, moet aldus worden uitgelegd dat zij zich overeenkomstig het beginsel van neutraliteit van de belasting over de toegevoegde waarde verzet tegen een nationale regeling op grond waarvan een lidstaat betaling van belasting over de toegevoegde waarde bij invoer verlangt, hoewel die met toepassing van de verleggingsregeling reeds is voldaan door middel van uitreiking van een op eigen naam gestelde factuur en boeking in het register van aan- en verkopen van de belastingplichtige.
(1) PB C 207 van 20.07.2013.
Full & Egal Universal Law Academy