19.5.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 151/8
Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 27 maart 2014 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Landesgericht Bozen — Italië) — Ulrike Elfriede Grauel Rüffer/Katerina Pokorná
(Zaak C-322/13) (1)
((Burgerschap van de Unie - Discriminatieverbod - Regeling van taalgebruik in civiele zaken))
2014/C 151/10
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Landesgericht Bozen
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Ulrike Elfriede Grauel Rüffer
Verwerende partij: Katerina Pokorná
Voorwerp
Verzoek om een prejudiciële beslissing — Tribunale di Bolzano/Landesgericht Bozen — Uitlegging van de artikelen 18 VWEU en 21 VWEU — Non-discriminatie en burgerschap van de Unie — Taalregeling voor civiele zaken — Uitzondering ten gunste van eigen staatsburgers — Uitbreiding van deze uitzondering tot staatsburgers van de Europese Unie die zich in dezelfde situatie bevinden als eigen staatsburgers
Dictum
De artikelen 18 VWEU en 21 VWEU moeten aldus worden uitgelegd dat zij zich verzetten tegen een nationale regeling, zoals die welke in het hoofdgeding aan de orde is, die het recht om in civiele zaken die aanhangig zijn bij rechterlijke instanties van een lidstaat met zetel in een welbepaalde territoriale entiteit van die lidstaat, gebruik te maken van een andere dan de officiële staatstaal, enkel toekent aan staatsburgers van die staat die hun woonplaats in bedoelde territoriale entiteit hebben.
(1) PB C 226 van 3.8.2013.
Full & Egal Universal Law Academy