27.4.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 138/10
Arrest van het Hof (Grote kamer) van 24 februari 2015 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Hoge Raad der Nederlanden) — C. G. Sopora/Staatssecretaris van Financiën
(Zaak C-512/13) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Vrij verkeer van werknemers - Artikel 45 VWEU - Gelijke behandeling van niet-ingezeten werknemers - Belastingvoordeel, bestaande in de belastingvrijstelling van door de werkgever betaalde vergoedingen - Forfaitair toegekend voordeel - Werknemers, afkomstig uit een andere lidstaat dan die van de werkplek - Voorwaarde dat de betrokkene woonachtig is op een bepaalde afstand van de grens van de lidstaat van tewerkstelling))
(2015/C 138/12)
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Hoge Raad der Nederlanden
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: C. G. Sopora
Verwerende partij: Staatssecretaris van Financiën
Dictum
Artikel 45 VWEU moet aldus worden uitgelegd dat het zich niet verzet tegen een nationale wettelijke regeling als in het hoofdgeding, waarbij een lidstaat ten gunste van werknemers die, alvorens een dienstbetrekking op zijn grondgebied te aanvaarden, in een andere lidstaat woonden, voorziet in de toekenning van een belastingvoordeel, bestaande in de forfaitaire belastingvrijstelling van een vergoeding wegens extraterritoriale kosten tot ten hoogste 30 % van de grondslag, op voorwaarde dat deze werknemers woonachtig waren op een afstand van meer dan 150 kilometer van zijn grens, tenzij deze limieten zodanig zijn vastgesteld dat deze vrijstelling systematisch aanleiding geeft tot een duidelijke overcompensatie van de werkelijk gemaakte extraterritoriale kosten, hetgeen de verwijzende rechter dient na te gaan.
(1) PB C 367 van 14.12.2013.
Full & Egal Universal Law Academy