10.11.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 395/20
Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 4 september 2014 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Fővárosi Közigazgatási és Munkaügyi Bíróság — Hongarije) — Sofia Zoo/Országos Környezetvédelmi, Természetvédelmi és Vízügyi Főfelügyelőség
(Zaak C-532/13) (1)
([Prejudiciële verwijzing - Bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten - Verordening (EG) nr. 338/97 - Artikel 11 - Nietigheid van een invoervergunning beperkt tot de specimens van dieren waarop de nietigheidsgrond werkelijk van toepassing is])
2014/C 395/25
Procestaal: Hongaars
Verwijzende rechter
Fővárosi Közigazgatási és Munkaügyi Bíróság
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Sofia Zoo
Verwerende partij: Országos Környezetvédelmi, Természetvédelmi és Vízügyi Főfelügyelőség
Dictum
Artikel 11, lid 2, sub a en b, van verordening (EG) nr. 338/97 van de Raad van 9 december 1996 inzake de bescherming van in het wild levende dier- en plantensoorten door controle op het desbetreffende handelsverkeer moet aldus worden uitgelegd dat de invoervergunning die niet voldoet aan de voorwaarden van deze verordening enkel als nietig moet worden beschouwd voor zover zij betrekking heeft op de specimens van dieren waarop de nietigheidsgrond van deze invoervergunning werkelijk van toepassing is, en dat deze specimens dus de enige zijn die de bevoegde autoriteit van de lidstaat waar zij zich bevinden in beslag moet nemen, en eventueel moet verbeurdverklaren.
(1) PB C 15 van 18.1.2014.
Full & Egal Universal Law Academy