8.6.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 164/10
Hogere voorziening ingesteld op 15 maart 2013 door BSH Bosch und Siemens Hausgeräte GmbH tegen het arrest van het Gerecht (Vierde kamer) van 15 januari 2013 in zaak T-625/11, BSH Bosch und Siemens Hausgeräte GmbH/Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen)
(Zaak C-126/13 P)
2013/C 164/17
Procestaal: Duits
Partijen
Rekwirante: BSH Bosch und Siemens Hausgeräte GmbH (vertegenwoordiger: Rechtsanwalt S. Biagosch)
Andere partij in de procedure: Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen)
Conclusies
—
het arrest van het Gerecht (Vierde kamer) van 15 januari 2013 in zaak T-625/11 vernietigen, voor zover het Gerecht heeft geoordeeld dat de eerste kamer van beroep van het Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen) (BHIM) artikel 7, lid 1, sub c, van verordening (EG) nr. 207/2009 (1) niet heeft geschonden door de beslissing van 22 september 2011 (zaak R 340/2011-1) vast te stellen;
—
de beslissing van de eerste kamer van beroep van het Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen) (BHIM) van 22 september 2011 (zaak R 340/2011-1) vernietigen, voor zover daarbij de aanvraag voor het merk ecoDoor op grond van artikel 7, lid 1, sub b en c, van verordening (EG) nr. 207/2009 gedeeltelijk is geweigerd;
subsidiair
—
de zaak naar het Gerecht terugverwijzen.
—
het BHIM verwijzen in de kosten van beide instanties.
Middelen en voornaamste argumenten
De hogere voorziening is gericht tegen het arrest van het Gerecht (Vierde kamer) van 15 januari 2013 in zaak T-625/11 waarbij het Gerecht heeft verworpen het beroep van BSH Bosch und Siemens Hausgeräte GmbH tegen de beslissing van de eerste kamer van beroep van het Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen) (BHIM) van 22 september 2011 (zaak R 340/2011-1), waarbij de aanvraag voor het merk ecoDoor op grond van artikel 7, lid 1, sub b en c, van verordening nr. 207/2009 (inzake het gemeenschapsmerk) gedeeltelijk werd geweigerd.
Rekwirante steunt de hogere voorziening op het volgende middel:
Zij beroept zich op een schending van artikel 7, lid 1, sub c, van de verordening inzake het gemeenschapsmerk, omdat het merk ecoDoor — hoewel het overigens niet de waren beschrijft waarop de weigering van het BHIM betrekking heeft, maar alleen een deur als een mogelijk onderdeel van deze waren — enkel kan worden beschouwd als beschrijvend voor de betrokken waren zelf wanneer het betrokken onderdeel zo wezenlijk is voor de waar dat het publiek dat onderdeel zonder meer gelijkstelt met de waar. Dit is slechts het geval wanneer het betrokken onderdeel een in de ogen van het publiek absoluut wezenlijke functie van de waar vervult. Voor een deur als onderdeel van de waren waarvoor het merk is aangevraagd, geldt dit niet, zodat niet is voldaan aan de weigeringsgrond van artikel 7, lid 1, sub c, van de verordening inzake het gemeenschapsmerk.
(1) Verordening van de Raad van 26 februari 2009 inzake het gemeenschapsmerk (Gecodificeerde versie) (PB L 78, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy