29.6.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 189/5
Hogere voorziening ingesteld op 15 april 2013 door nfon AG tegen het arrest van het Gerecht (Vierde kamer) van 29 januari 2013 in zaak T-283/11, Fon Wireless Ltd./Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen)
(Zaak C-193/13 P)
2013/C 189/09
Procestaal: Duits
Partijen
Rekwirante: nfon AG (vertegenwoordiger: V. von Bomhard, Rechtsanwältin)
Andere partijen in de procedure: Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (merken, tekeningen en modellen), Fon Wireless Ltd.
Conclusies
Rekwirante verzoekt het Hof:
—
het bestreden arrest te vernietigen;
—
subsidiair, het bestreden arrest te vernietigen voor zover daarbij is vastgesteld dat gevaar voor verwarring met het oudere gemeenschapsbeeldmerk nr. 4719738 „fon” bestaat;
—
verzoekster in eerste aanleg te verwijzen in de kosten van de procedure.
Middelen en voornaamste argumenten
Met de onderhavige hogere voorziening wordt opgekomen tegen het arrest van het Gerecht van 29 januari 2013 in zaak T-283/11, waarbij het Gerecht de beslissing van de vierde kamer van beroep van het Bureau voor harmonisatie binnen de interne markt (BHIM) van 18 maart 2011 (zaak R 1017/2009-4) in een oppositieprocedure tussen Fon Wireless Ltd.en nfon AG aldus heeft herzien dat het door nfon AG bij de kamer van beroep ingestelde beroep is verworpen.
Rekwirante voert met het enige middel van haar hogere voorziening aan dat artikel 8, lid 1, sub b, van verordening (EG) nr. 207/2009 van de Raad van 26 februari 2009 inzake het gemeenschapsmerk (1) is geschonden. De vraag is of sprake is van gevaar voor verwarring in de zin van artikel 8, lid 1, sub b, van verordening nr. 207/2009 dient globaal te worden beoordeeld, met inaanmerkingneming met alle relevante omstandigheden van het concrete geval. Zij stelt dat dit vereiste in drie opzichten niet is nageleefd. Ten eerste zijn bij de vergelijking van de tekens de elementen van de conflicterende merken die hun onderscheidend vermogen verlenen, rechtens onjuist vastgesteld. Ten tweede is automatisch ervan uitgegaan dat sprake was van gevaar voor verwarring. Ten derde is het gevaar voor verwarring niet globaal beoordeeld, aangezien onvoldoende rekening is gehouden met het feit dat het merkbestanddeel „fon” slechts weinig onderscheidend vermogen heeft.
(1) PB L 78, blz. 1.
Full & Egal Universal Law Academy