29.6.2013
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 189/7
Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door het College van Beroep voor het Bedrijfsleven (Nederland) op 18 april 2013 — Wagenborg Passagiersdiensten BV e.a. tegen Minister van Infrastructuur en Milieu, andere partijen: Wagenborg Passagiersdiensten BV, Terschellinger Stoombootmaatschappij BV
(Zaak C-207/13)
2013/C 189/14
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
College van Beroep voor het Bedrijfsleven
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekers: Wagenborg Passagiersdiensten BV, Eigen Veerdienst Terschelling BV, MPS Stortemelk BV, MPS Willem Barentsz BV, MS Spathoek NV, G.A.F. Lakeman h.o.d.n. Rederij Waddentransport
Verweerder: Minister van Infrastructuur en Milieu
Andere partijen: Wagenborg Passagiersdiensten BV, Terschellinger Stoombootmaatschappij BV
Prejudiciële vragen
1.
Staat aanwijzing van het Nederlandse deel van de Waddenzee als binnenwater (zone 2-water) op bijlage I bij richtlijn 2006/87 (1) in de weg aan toepassing van de Cabotageverordening op het openbaar personenvervoer over de Waddenzee tussen het Nederlandse vasteland en de Waddeneilanden Terschelling, Vlieland, Ameland en Schiermonnikoog?
2.
Staat toepasselijkheid van de Cabotageverordening in de weg aan toepassing van de PSO-verordening (2), gelet op artikel 1, tweede lid, van de PSO-verordening?
3.
Staat het de lidstaten vrij op grond van artikel 1, tweede lid, van de PSO-verordening uitsluitend één of meer specifieke onderdelen van deze verordening, in casu artikel 5, derde lid, en daarmee samenhangend artikel 5, vierde lid, op het openbaar personenvervoer over water van toepassing te verklaren?
4.
Kan de uitzondering opgenomen in artikel 5, vierde lid, van de PSO-verordening, meer in het bijzonder het daarin opgenomen afstandscriterium van 300 000 kilometer, (zonder meer) van toepassing worden verklaard op het openbaar personenvervoer over water?
5.
Indien het antwoord op vraag 4) bevestigend luidt, welke gevolgen moeten dan worden verbonden aan het feit dat in dit geval concessies voor openbaar personenvervoer over water zijn verleend zonder dat is voldaan aan het voorschrift van artikel 7, tweede lid, van de PSO-verordening?
(1) Richtlijn 2006/87/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 tot vaststelling van de technische voorschriften voor binnenschepen en tot intrekking van richtlijn 82/714/EEG van de Raad (PB L 389, blz. 1).
(2) Verordening (EG) nr. 1370/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 23 oktober 2007 betreffende het openbaar personenvervoer per spoor en over de weg en tot intrekking van verordening (EEG) nr. 1191/69 van de Raad en verordening (EEG) nr. 1107/70 van de Raad (PB L 315, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy