1.2.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 31/17
Beroep ingesteld op 29 november 2013 — Arctic Paper Mochenwangen/Commissie
(Zaak T-634/13)
2014/C 31/29
Procestaal: Duits
Partijen
Verzoekende partij: Arctic Paper Mochenwangen GmbH (Wolpertswende, Duitsland) (vertegenwoordiger: S. Kobes, advocaat)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
artikel 1, lid 1, van besluit 2013/448/EU van verweerster van 5 september 2013 betreffende nationale uitvoeringsmaatregelen voor de voorlopige kosteloze toewijzing van broeikasgasemissierechten overeenkomstig artikel 11, lid 3, van richtlijn 2003/87/EG (1) van het Europees Parlement en de Raad (C(2013) 5666, PB L 240, blz. 27) voor zover daarbij is geweigerd de in bijlage I, onder punt A vermelde installatie met identificatiecodes DE000000000000563 op te nemen op de overeenkomstig artikel 11, lid 1, van richtlijn 2003/87/EG door Duitsland bij de Commissie ingediende lijst van onder richtlijn 2003/87/EG vallende installaties en van de desbetreffende voorlopige jaarlijkse hoeveelheden emissierechten die kosteloos aan deze installatie zouden moeten worden toegewezen;
—
de Commissie verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert de verzoekster in wezen het volgende aan:
—
Het bestreden besluit, voor zover dit door verzoekster wordt aangevochten, schendt richtlijn 2003/87/EG en besluit 2011/278/EU (2). Het besluit is bovendien onverenigbaar met het evenredigheidsbeginsel en met het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie.
—
Besluit 2011/278/EU staat niet in de weg aan een extra voorlopige toewijzing van kosteloze emissierechten als compensatie voor het ontstaan van een onbillijke situatie. In ieder geval vereisen de waarborgen van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, met name de vrijheid van ondernemerschap en het recht op eigendom, alsmede het evenredigheidsbeginsel, ter compensatie van onredelijke belastingen als gevolg van de emissiehandel, een bijzondere toewijzing ingeval een onbillijke situatie ontstaat.
—
Ten slotte voert verzoekster schending aan van de vereisten van een behoorlijke administratieve praktijk overeenkomstig artikel 41 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Voorafgaand aan het besluit is verzoekster niet in de gelegenheid gesteld haar standpunt kenbaar te maken.
(1) Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van richtlijn 96/61/EG van de Raad (PB L 275, blz. 32).
(2) 2011/278/EU: Besluit van de Commissie van 27 april 2011 tot vaststelling van een voor de hele Unie geldende overgangsregeling voor de geharmoniseerde kosteloze toewijzing van emissierechten overeenkomstig artikel 10 bis van richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad [Kennisgeving geschied onder nummer C(2011) 2772] (PB L 130, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy