Zaak C-29/14: Arrest van het Hof (Derde kamer) van 11 juni 2015 — Europese Commissie/Republiek Polen (Niet-nakoming — Volksgezondheid — Richtlijn 2004/23/EG — Richtlijn 2006/17/EG — Richtlijn 2006/86/EG — Uitsluiting van geslachtscellen, foetale weefsels en embryonale weefsels van de werkingssfeer van een nationale regeling tot omzetting van die richtlijnen)
C2702015NL610120150611NL00076161
Arrest van het Hof (Derde kamer) van 11 juni 2015 — Europese Commissie/Republiek Polen
(Zaak C-29/14) ( 1 )
„(Niet-nakoming — Volksgezondheid — Richtlijn 2004/23/EG — Richtlijn 2006/17/EG — Richtlijn 2006/86/EG — Uitsluiting van geslachtscellen, foetale weefsels en embryonale weefsels van de werkingssfeer van een nationale regeling tot omzetting van die richtlijnen)”2015/C 270/07Procestaal: Pools
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: C. Gheorghiu en M. Owsiany-Hornung, gemachtigden)
Verwerende partij: Republiek Polen (vertegenwoordiger: B. Majczyna, gemachtigde)
Dictum
1)
Door geslachtscellen en foetale en embryonale weefsels niet binnen de werkingssfeer te laten vallen van de nationaalrechtelijke bepalingen die uitvoering geven aan richtlijn 2004/23/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 tot vaststelling van kwaliteits- en veiligheidsnormen voor het doneren, verkrijgen, testen, bewerken, bewaren en distribueren van menselijke weefsels en cellen, richtlijn 2006/17/EG van de Commissie van 8 februari 2006 ter uitvoering van richtlijn 2004/23/EG van het Europees Parlement en de Raad wat betreft bepaalde technische voorschriften voor het doneren, verkrijgen en testen van menselijke weefsels en cellen, en richtlijn 2006/86/EG van de Commissie van 24 oktober 2006 ter uitvoering van richtlijn 2004/23/EG van het Europees Parlement en de Raad wat betreft de traceerbaarheidsvereisten, de melding van ernstige bijwerkingen en ernstige ongewenste voorvallen en bepaalde technische voorschriften voor het coderen, bewerken, preserveren, bewaren en distribueren van menselijke weefsels en cellen, is de Republiek Polen de verplichtingen niet nagekomen die op haar rusten krachtens artikel 31 van verordening 2004/23, de artikelen 3, onder b), 4, lid 2, en 7 van richtlijn 2006/17, bijlage III bij deze laatste richtlijn, en artikel 11 van richtlijn 2006/86.
2)
De Republiek Polen wordt verwezen in de kosten.
( 1 ) PB C 85 van 22.3.2014.
Full & Egal Universal Law Academy