16.11.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 381/4
Arrest van het Hof (Derde kamer) van 1 oktober 2015 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Fővárosi Törvényszék — Hongarije) — ERSTE Bank Hungary Zrt/Attila Sugár
(Zaak C-32/14) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Richtlijn 93/13/EEG - Oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten - Hypothecaire leningsovereenkomst - Artikel 7, lid 1 - Beëindiging van het gebruik van oneerlijke bedingen - Passende en doeltreffende middelen - Schuldverklaring - Notariële akte - Aanbrengen van de formule van tenuitvoerlegging door een notaris - Executoriale titel - Verplichtingen van de notaris - Ambtshalve toetsing van oneerlijke bedingen - Rechterlijke toetsing - Beginselen van gelijkwaardigheid en doeltreffendheid))
(2015/C 381/04)
Procestaal: Hongaars
Verwijzende rechter
Fővárosi Törvényszék
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: ERSTE Bank Hungary Zrt
Verwerende partij: Attila Sugár
Dictum
De artikelen 6, lid 1, en 7, lid 1, van richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten moeten aldus worden uitgelegd dat zij zich niet verzetten tegen een nationale wettelijke regeling als die in het hoofdgeding, volgens welke een notaris die met inachtneming van de vormvoorschriften een authentieke akte betreffende een consumentenovereenkomst heeft verleden, de formule van tenuitvoerlegging op die akte kan aanbrengen of kan weigeren die formule door te halen, hoewel noch in het ene, noch in het andere stadium is getoetst of de bedingen van die overeenkomst mogelijkerwijs oneerlijk zijn.
(1) PB C 102 van 7.4.2014.
Full & Egal Universal Law Academy