13.6.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 211/5
Arrest van het Hof (Tweede kamer) van 14 april 2016 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Corte suprema di cassazione — Italië) — Malvino Cervati, Società Malvi Sas di Cervati Malvino/Agenzia delle Dogane, Agenzia delle Dogane — Ufficio delle Dogane di Livorno
(Zaak C-131/14) (1)
([Prejudiciële verwijzing - Landbouw - Gemeenschappelijke ordening van de markten - Verordening (EG) nr. 565/2002 - Artikel 3, lid 3 - Tariefcontingent - Knoflook van oorsprong uit Argentinië - Invoercertificaten - Niet-overdraagbaarheid van de rechten die voortvloeien uit de invoercertificaten - Ontwijking - Rechtsmisbruik - Voorwaarden - Verordening (EG, Euratom) nr. 2988/95 - Artikel 4, lid 3])
(2016/C 211/05)
Procestaal: Italiaans
Verwijzende rechter
Corte suprema di cassazione
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Malvino Cervati, Società Malvi Sas di Cervati Malvino
Verwerende partijen: Agenzia delle Dogane, Agenzia delle Dogane — Ufficio delle Dogane di Livorno
in tegenwoordigheid van: Roberto Cervati
Dictum
Artikel 3, lid 3, van verordening (EG) nr. 565/2002 van de Commissie van 2 april 2002 tot vaststelling van de wijze van beheer van tariefcontingenten en invoering van een stelsel van oorsprongscertificaten, voor uit derde landen ingevoerde knoflook, en artikel 4, lid 3, van verordening (EG, Euratom) nr. 2988/95 van de Raad van 18 december 1995 betreffende de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen, moeten aldus worden uitgelegd dat zij zich in beginsel niet verzetten tegen een mechanisme, zoals dit welk aan de orde is in het hoofdgeding, waarbij, nadat een marktdeelnemer — een traditionele importeur in de zin van de eerstgenoemde verordening — die zijn certificaten voor invoer tegen het voordeeltarief reeds volledig heeft gebruikt, een order heeft geplaatst bij een tweede marktdeelnemer — eveneens een traditionele importeur — die niet over dergelijke certificaten beschikt,
—
de goederen eerst buiten de Europese Unie door een met die tweede marktdeelnemer gelieerde onderneming worden verkocht aan een derde marktdeelnemer — een nieuwe importeur in de zin van voornoemde verordening — die houder is van dergelijke certificaten,
—
deze goederen daarop door de derde marktdeelnemer in de Europese Unie in het vrije verkeer worden gebracht met gebruikmaking van het preferentiële douanetarief, en vervolgens door die derde marktdeelnemer opnieuw aan de tweede marktdeelnemer worden verkocht, en
—
die goederen ten slotte door die tweede marktdeelnemer worden overgedragen aan de eerste marktdeelnemer, die op die manier ingevoerde goederen via het bij de eerstgenoemde verordening vastgestelde tariefcontingent kan kopen hoewel hij niet over een daartoe vereist certificaat beschikt.
(1) PB C 194 van 24.6.2014.
Full & Egal Universal Law Academy