1.2.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 38/4
Arrest van het Hof (Vijfde kamer) van 26 november 2015 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Verwaltungsgerichtshof — Oostenrijk) — MedEval — Qualitäts-, Leistungs- und Struktur-Evaluierung im Gesundheitswesen GmbH
(Zaak C-166/14) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Overheidsopdrachten - Richtlijn 89/665/EEG - Beginselen van doeltreffendheid en gelijkwaardigheid - Beroepsprocedures inzake het plaatsen van overheidsopdrachten - Beroepstermijn - Nationale wetgeving die voor de schadevordering de voorafgaande vaststelling van de onrechtmatigheid van de procedure vereist - Vervaltermijn die ingaat ongeacht of de eiser kennis heeft van de onrechtmatigheid))
(2016/C 038/04)
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Verwaltungsgerichtshof
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: MedEval — Qualitäts-, Leistungs- und Struktur-Evaluierung im Gesundheitswesen GmbH
in tegenwoordigheid van: Bundesminister für Wissenschaft, Forschung und Wirtschaft, Hauptverband der österreichischen Sozialversicherungsträger, Pharmazeutische Gehaltskasse für Österreich
Dictum
Het recht van de Europese Unie, met name het beginsel van doeltreffendheid, staat in de weg aan een nationale regeling die voor het instellen van een beroep tot schadevergoeding wegens inbreuk op een aanbestedingsrechtelijke regel, vereist dat vooraf wordt vastgesteld dat de procedure voor het plaatsen van de betrokken opdracht onrechtmatig was vanwege het ontbreken van een voorafgaande bekendmaking van een aankondiging van de opdracht, wanneer voor deze vordering tot vaststelling van onrechtmatigheid een vervaltermijn van zes maanden geldt, die ingaat op de dag volgend op de gunning van de betrokken overheidsopdracht, en dit ongeacht of de eiser al dan niet kennis kon hebben van het bestaan van de onrechtmatigheid van dit besluit van de aanbestedende dienst.
(1) PB C 282 van 25.8.2014.
Full & Egal Universal Law Academy