22.2.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 68/6
Arrest van het Hof (Negende kamer) van 23 december 2015 — Europese Commissie/Helleense Republiek
(Zaak C-180/14) (1)
((Niet-nakoming - Richtlijn 2003/88/EG - Organisatie van de arbeidstijd - Dagelijkse rusttijd - Wekelijkse rusttijd - Maximale arbeidstijd per week))
(2016/C 068/07)
Procestaal: Grieks
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: M. Patakia en M. van Beek, gemachtigden)
Verwerende partij: Helleense Republiek (vertegenwoordigers: A. Samoni-Rantou, N. Dafniou en S. Vodina, gemachtigden)
Dictum
1)
Door geen gemiddelde arbeidstijd per week van maximaal 48 uren te hebben toegepast en geen minimale dagelijkse rusttijd te hebben gewaarborgd of een gelijkwaardige compenserende rusttijd onmiddellijk na het einde van de door die rusttijd te compenseren arbeidsuren, is de Helleense Republiek de verplichtingen niet nagekomen die op haar rusten krachtens de artikelen 3 en 6 van richtlijn 2003/88/EG van het Europees Parlement en de Raad van 4 november 2003 betreffende een aantal aspecten van de organisatie van de arbeidstijd.
2)
Het beroep wordt verworpen voor het overige.
3)
De Helleense Republiek wordt verwezen in de kosten.
(1) PB C 184 van 16.6.2014.
Full & Egal Universal Law Academy