30.3.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 107/14
Arrest van het Hof (Zesde kamer) van 5 februari 2015 — Europese Commissie/Koninkrijk België
(Zaak C-317/14) (1)
([Niet-nakoming - Artikel 45 VWEU - Verordening (EU) nr. 492/2011 - Vrij verkeer van werknemers - Toegang tot arbeid - Plaatselijke openbare dienst - Taalkennis - Bewijsmiddel])
(2015/C 107/18)
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: J. Enegren en D. Martin, gemachtigden)
Verwerende partij: Koninkrijk België (vertegenwoordigers: L. Van den Broeck, J. Van Holm en M. Jacobs, gemachtigden)
Dictum
1)
Door van kandidaten voor betrekkingen bij de plaatselijke diensten in het Franse of het Duitse taalgebied uit wier vereiste diploma’s of certificaten niet blijkt dat zij hun onderwijs in de betrokken taal hebben genoten, te eisen dat zij hun taalkennis bewijzen door middel van één enkel soort certificaat dat uitsluitend door één enkele Belgische officiële instantie wordt afgegeven na een door die instantie op het Belgische grondgebied georganiseerd examen, is het Koninkrijk België de verplichtingen niet nagekomen die op hem rusten krachtens artikel 45 VWEU en verordening (EU) nr. 492/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 5 april 2011 betreffende het vrije verkeer van werknemers binnen de Unie.
2)
Het Koninkrijk België wordt verwezen in de kosten.
(1) PB C 303 van 8.9.2014.
Full & Egal Universal Law Academy