13.6.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 211/11
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 14 april 2016 (verzoeken om een prejudiciële beslissing ingediend door de Juzgado de lo Mercantil no 9 de Barcelona — Spanje) — Jorge Sales Sinués/Caixabank SA (C-381/14), en Youssouf Drame Ba/Catalunya Caixa SA (Catalunya Banc SA) (C-385/14)
(Gevoegde zaken C-381/14 en C-385/14) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Richtlijn 93/13/EEG - Consumentenovereenkomsten - Hypotheekovereenkomsten - Bodembeding - Toetsing van het beding met het oog op ongeldigverklaring ervan - Collectieve procedure - Verbodsvordering - Schorsing van de individuele procedure met hetzelfde voorwerp))
(2016/C 211/11)
Procestaal: Spaans
Verwijzende rechter
Juzgado de lo Mercantil no 9 de Barcelona
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Jorge Sales Sinués (C-381/14), Youssouf Drame Ba (C-385/14)
Verwerende partijen: Caixabank SA (C-381/14), Catalunya Caixa SA (Catalunya Banc SA) (C-385/14)
Dictum
Artikel 7 van richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten moet aldus worden uitgelegd dat het zich verzet tegen een nationale regeling als in de hoofdgedingen aan de orde, volgens welke de nationale rechter een individuele vordering die door een consument bij hem is ingesteld tot vaststelling dat een beding in een overeenkomst tussen hem en een verkoper oneerlijk is, automatisch moet schorsen in afwachting dat een definitieve beslissing wordt gegeven in een aanhangige collectieve vordering die door een consumentenorganisatie op de grondslag van lid 2 van dat artikel 7 is ingesteld om een eind te maken aan het gebruik, in overeenkomsten van hetzelfde type, van soortgelijke bedingen als het beding waarop de individuele vordering betrekking heeft, zonder dat in overweging kan worden genomen of die schorsing relevant is uit het oogpunt van de bescherming van de consument die zich individueel tot de rechter heeft gewend en zonder dat de consument kan besluiten zich los te maken van de collectieve vordering.
(1) PB C 388 van 3.11.2014.
Full & Egal Universal Law Academy