7.4.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 102/13
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Sąd Najwyższy (Polen) op 3 januari 2014 — Polska Telefonia Cyfrowa S.A./Prezes Urzędu Komunikacji Elektronicznej
(Zaak C-3/14)
2014/C 102/17
Procestaal: Pools
Verwijzende rechter
Sąd Najwyższy
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Polska Telefonia Cyfrowa S.A.
Verwerende partij: Prezes Urzędu Komunikacji Elektronicznej
Prejudiciële vragen
1)
Moet artikel 7, lid 3, van richtlijn 2002/21/EG (1) van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten (kaderrichtlijn) juncto artikel 28 van richtlijn 2002/22/EG (2) van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake de universele dienst en gebruikersrechten met betrekking tot elektronische-communicatienetwerken en -diensten (universeledienstrichtlijn) aldus worden uitgelegd dat elke maatregel die door de nationale regelgevende instantie wordt genomen krachtens de uit artikel 28 van richtlijn 2002/22 voortvloeiende verplichting, van invloed is op de handel tussen de lidstaten zodra daarbij eindgebruikers uit andere lidstaten de toegang tot niet-geografische nummers op het grondgebied van deze lidstaat mogelijk kan worden gemaakt?
2)
Moet artikel 7, lid 3, juncto de artikelen 6 en 20 van richtlijn 2002/21 aldus worden uitgelegd dat de nationale regelgevende instantie, als zij beslist over geschillen tussen ondernemingen die elektronischecommunicatienetwerken of -diensten aanbieden die betrekking hebben op de nakoming van de uit artikel 28 van richtlijn 2002/22 voortvloeiende verplichting door een van deze ondernemingen, geen consolidatieprocedure mag houden, zelfs niet als de maatregel van invloed is op de handel tussen de lidstaten en het nationale recht de nationale regelgevende instantie verplicht steeds een consolidatieprocedure te houden als de maatregel van invloed kan zijn op deze handel?
3)
Ingeval vraag 2 bevestigend wordt beantwoord: Moet artikel 7, lid 3, juncto de artikelen 6 en 20 van richtlijn 2002/21 juncto artikel 288 VWEU en artikel 4, lid 3, VEU aldus worden uitgelegd dat de nationale rechter verplicht is de voorschriften van het nationale recht buiten toepassing te laten die de nationale regelgevende instantie verplichten steeds een consolidatieprocedure te houden als de door haar genomen maatregel van invloed kan zijn op de handel tussen de lidstaten?
(1) PB L 108 van 24.4.2002, blz. 33.
(2) PB L 108 van 24.4.2002, blz. 51.
Full & Egal Universal Law Academy