26.5.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 159/14
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Augstākā tiesa (Letland) op 18 maart 2014 — Andrejs Surmačs/Finanšu un kapitāla tirgus komisija
(Zaak C-127/14)
2014/C 159/20
Procestaal: Lets
Verwijzende rechter
Augstākā tiesa
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Andrejs Surmačs
Verwerende partij: Finanšu un kapitāla tirgus komisija
Prejudiciële vragen
1)
Moet punt 7 van bijlage I bij richtlijn 94/19/EG van het Europees Parlement en de Raad van 30 mei 1994 inzake de depositogarantiestelsels (1) aldus worden uitgelegd dat de daarin gegeven opsomming van personen die moeten worden beschouwd als met de betrokken kredietinstelling verbonden personen aan wie het recht op de gewaarborgde schadeloosstelling moet worden ontzegd, uitputtend is?
2)
Kan een persoon die volgens zijn functiebeschrijving het recht heeft om een activiteitstak van de kredietinstelling of de uitvoering van een taak, maar niet de activiteit van de kredietinstelling in haar geheel, te plannen, te coördineren en te controleren, en die geen bevelen kan geven of voor andere personen bindende beslissingen kan nemen, worden beschouwd als beheerder van een kredietinstelling of als een andere in punt 7 van bijlage I bij de richtlijn bedoelde persoon? Moet rekening worden gehouden met de inhoud van de activiteitstak van de kredietinstelling of van de functie?
3)
Moet punt 7 van bijlage I bij de richtlijn aldus worden uitgelegd dat een lidstaat betaling van de gewaarborgde schadeloosstelling kan ontzeggen aan een persoon die overeenkomstig de in de functieomschrijving vermelde rechten en verplichtingen, niet kan worden beschouwd als leidinggevende persoon maar die feitelijk een aanzienlijke invloed heeft op de beslissingen van de leidinggevende personen van de kredietinstelling of van de hoofdelijk voor die instelling aansprakelijke personen? Kan de louter informele invloed die uitgaat van het gezag, de knowhow of de kennis van de persoon inzake de activiteit van de kredietinstelling in deze context relevant zijn?
(1) PB L 135, blz. 5.
Full & Egal Universal Law Academy