8.9.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 303/18
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Gyulai Törvényszék (Hongarije) op 11 juni 2014 — Eurospeed Ltd/Szegedi Törvényszék
(Zaak C-287/14)
2014/C 303/24
Procestaal: Hongaars
Verwijzende rechter
Gyulai Törvényszék
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Eurospeed Ltd
Verwerende partij: Szegedi Törvényszék
Prejudiciële vragen
1)
Sluit het feit dat de verplichting tot vergoeding van de schade die voortvloeit uit een schending van het Unierecht rust op de lidstaat, uit dat de regels inzake deze aansprakelijkheid bij de beoordeling van een op deze grondslag ingestelde vordering tot schadevergoeding worden toegepast op de nationale instantie die daadwerkelijk de inbreuk heeft begaan?
2)
In geval van ontkennend antwoord op de eerste vraag, sluit artikel 10, lid 3, van verordening (EG) nr. 561/2006 (1) uit dat een lidstaat regels vaststelt die bepalen dat in het geval van een inbreuk op de in de verordening vastgestelde verplichtingen de vervoersonderneming naast of in plaats van de bestuurder die daadwerkelijk de inbreuk heeft begaan, hiervan de rechtsgevolgen ondervindt?
3)
In geval van bevestigend antwoord op de tweede vraag, kan een beslissing van een nationale bestuursrechter die zich niet baseert op artikel 10, lid 3, van verordening (EG) nr. 561/2006, maar op nationale bepalingen die hiermee in strijd zijn, worden beschouwd als een kennelijke schending van het Unierecht?
(1) Verordening (EG) nr. 561/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 15 maart 2006 tot harmonisatie van bepaalde voorschriften van sociale aard voor het wegvervoer, tot wijziging van verordeningen (EEG) nr. 3821/85 en (EG) nr. 2135/98 van de Raad en tot intrekking van verordening (EEG) nr. 3820/85 van de Raad (voor de EER relevante tekst) (PB L 102, blz. 1).
Full & Egal Universal Law Academy