8.9.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 303/28
Beroep ingesteld op 2 juli 2014 — Europese Commissie/Koninkrijk België
(Zaak C-317/14)
2014/C 303/36
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: J. Enegren, D. Martin, gemachtigden)
Verwerende partij: Koninkrijk België
Conclusies
—
vaststellen dat het Koninkrijk België, door van kandidaten voor posten in de lokale diensten in het Franse of het Duitse taalgebied uit wier diploma’s of certificaten niet blijkt dat zij een opleiding in de betrokken taal hebben gevolgd, te eisen dat zij het certificaat behalen dat door Selor wordt afgegeven nadat zij het door die instelling georganiseerde examen hebben afgelegd, als enig bewijs van de voor de toegang tot die posten vereiste talenkennis, de verplichtingen niet is nagekomen die op hem rusten krachtens artikel 45 VWEU en verordening (EU) nr. 492/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 5 april 2011 betreffende het vrije verkeer van werknemers binnen de Unie (1);
—
het Koninkrijk België verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Dat het Belgische recht als basisvoorwaarde voor de toegang tot vacante posten in de lokale overheidsdiensten van het Franse of het Duitse taalgebied een uniek bewijs van talenkennis eist van kandidaten uit wier diploma’s niet blijkt dat zij een opleiding in de betrokken taal hebben gevolgd, vormt een bij artikel 45 VWEU en verordening (EU) nr. 492/2011 verboden discriminatie.
(1) PB L 141, blz. 1.
Full & Egal Universal Law Academy