20.10.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 372/12
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Bundesverwaltungsgericht (Duitsland) op 19 augustus 2014 — Vodafone GmbH/Bondsrepubliek Duitsland
(Zaak C-395/14)
2014/C 372/15
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Bundesverwaltungsgericht
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Vodafone GmbH
Verwerende partij: Bondsrepubliek Duitsland
Prejudiciële vraag
Moet artikel 7, lid 3, van richtlijn 2002/21/EG (1) van het Europees Parlement en de Raad van 7 maart 2002 inzake een gemeenschappelijk regelgevingskader voor elektronische-communicatienetwerken en -diensten (PB L 108, blz. 33; hierna: „kaderrichtlijn”) aldus worden uitgelegd dat een nationale regelgevende instantie die een exploitant met aanzienlijke marktmacht heeft verplicht diensten inzake mobiele gespreksterminatie te verrichten en de terminatietarieven heeft onderworpen aan de inachtneming van de in dat artikel van de richtlijn genoemde procedure inzake vergunningsplicht, is gehouden de procedure van artikel 7, lid 3, van richtlijn 2002/21 voor de vergunning van elk concreet gevraagd tarief opnieuw toe te passen?
(1) PB L 108, blz. 33.
Full & Egal Universal Law Academy