12.1.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 7/19
Beroep ingesteld op 11 november 2014 — Europese Commissie/Helleense Republiek
(Zaak C-504/14)
(2015/C 007/25)
Procestaal: Grieks
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: Μ. Patakia en C. Hermes)
Verwerende partij: Helleense Republiek
Conclusies
—
vaststellen dat de Helleense Republiek de verplichtingen niet is nagekomen die op haar rusten krachtens de artikelen
—
6, leden 2 en 3, van richtlijn 92/43/EEG (1) van de Raad van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna, door a) niet de maatregelen te hebben getroffen die geschikt zijn om ervoor te zorgen dat de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten niet verslechtert en er geen storende factoren optreden voor de soort waarvoor het gebied aangewezen, en b) door (zonder een passend onderzoek van de impact zoals voorgeschreven door artikel 6, lid 3, te hebben verricht) interventies te hebben toegestaan die afzonderlijk of in combinatie met andere projecten significante gevolgen kunnen hebben voor het betrokken gebied doordat zij het broedgebied van de in dat gebied voorkomende prioritaire soort Caretta caretta verkleinen of beschadigen, de betrokken soort verstoren en, ten slotte, de duin-ecotypes 2110 en 2220 en de prioritaire habitat 2250 verkleinen of beschadigen,
—
12, lid 1, sub b en d, van die richtlijn, door niet de maatregelen te hebben getroffen die noodzakelijk zijn voor de invoering en de toepassing van een doeltreffend systeem van strikte bescherming van de zeeschildpad Caretta caretta (een prioritaire soort) in de golf van Kyparissia ter voorkoming van elke verstoring van die soort tijdens de periode van voortplanting en van elke activiteit die tot beschadiging of vernieling van de voortplantingsplaatsen van die soort kan leiden;
—
de Helleense Republiek verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
1.
De onderhavige niet-nakoming betreft: a) de weerslag van verschillende interventies en werken in het Natura 2000-gebied GR 2550005 „Thines Kyparissias” (sedert 1 april 1997 voorgesteld als gebied van communautair belang [GCB] en sedert 1 september 2006 aangewezen als gebied van communautair belang [GCB]) in het bijzonder voor de prioritaire soort Caretta caretta en voor de duinhabitats, daaronder begrepen de prioritaire habitat 2250* Thines, van de stranden met Juniperus spp [gewone jeneverboom] en b) het niet treffen van de maatregelen die noodzakelijk zijn voor de invoering en de toepassing van een doeltreffend systeem van strikte bescherming van de zeeschildpad Caretta caretta in dat gebied ter voorkoming van, enerzijds, elke verstoring van die soort tijdens de periode van voortplanting ervan en, anderzijds, elke activiteit die tot beschadiging of de vernieling van de voortplantingsplaatsen ervan kan leiden.
2.
Vanaf 1998 en ten vervolge op de goedkeuring door de bevoegde minister is het LIFE-Nature-programma LIFE98NAT/GR/5262 („Application of Management Plan for Caretta caretta in Southern Kyparissia”) gestart. Het LIFE-programma is in 2002 afgesloten met de opstelling van een project voor een specifieke studie van het milieu (EPM in overeenstemming met de Griekse regeling), waarin reeds werd gewezen op de kenmerken van de soort en op de noodzaak van een doeltreffende bescherming van die soort.
3.
Ten vervolge op klachten van NGO’s en de bezichtiging van dat gebied door een delegatie van de Commissie in juli 2011 heeft de Commissie een procedure van inbreuk op de in het petitum van het onderhavige beroep genoemde bepalingen van richtlijn 92/43/EEG ingeleid.
4.
De Commissie komt allereerst tot de bevinding dat de Helleense Republiek, in strijd met artikel 12 van de richtlijn,
—
geen systeem van strikte bescherming van de in bijlage IV bij de richtlijn genoemde soorten heeft ingevoerd, tezamen met een verbod op
—
het opzettelijk verstoren van die soorten, vooral tijdens de periode van voortplanting,
—
en op beschadiging of de vernieling van de voortplantings- of rustplaatsen.
5.
In het bijzonder is er geen sprake van een volledige en samenhangende Griekse regeling en van het toepassen van welbepaalde, specifieke en doeltreffende beschermingsmaatregelen en worden activiteiten geduld die niet alleen de voortplantingsplaatsen kunnen beschadigen of vernielen, maar de dieren van die soort ook kunnen verstoren, vooral tijdens de incubatieperiode, de periode van het uitbroeden van de eieren en tijden de trek naar zee van de pasgeboren schildpadden.
6.
Ten slotte stelt de Commissie schending van de bepalingen van artikel 6, leden 2 en 3, van die richtlijn, op grond dat
a)
verslechtering van de habitats en significante verstoringen van de soort in de aangewezen zones niet zijn voorkomen. Door in strijd met artikel 6, lid 2, een aantal ongecontroleerde en/of niet geregelde activiteiten te dulden heeft de Helleense Republiek in het onderhavige geval immers nagelaten de maatregelen te treffen die geschikt zijn om een dergelijke verslechtering van de habitats en de verstoring van die soort te voorkomen.
b)
deze vastgestelde activiteiten zijn verricht zonder dat, zoals vereist, vooraf de impact van elk project afzonderlijk of de cumulatieve impact van de verschillende projecten op passende wijze is onderzocht, ofschoon volgens artikel 6, lid 3, van de richtlijn voor elk project dat niet rechtstreeks verband houdt met of nodig is voor het beheer van het gebied, maar significante gevolgen kan hebben voor de instandhouding ervan, een passende beoordeling moet worden verricht.
(1) PB L 206, blz. 7.
Full & Egal Universal Law Academy