30.6.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 202/23
Beroep ingesteld op 27 maart 2014 — Ben Ali/Raad
(Zaak T-200/14)
2014/C 202/30
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: Mehdi Ben Tijani Ben Haj Hamda Ben Haj Hassen Ben Ali (Saint-Étienne-du-Rouvray, Frankrijk) (vertegenwoordiger: A. de Saint Remy, advocaat)
Verwerende partij: Raad van de Europese Unie
Conclusies
—
een maatregel tot organisatie van de procesgang in de zin van artikel 64 van het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht treffen, ertoe strekkende dat de Commissie „alle documenten betreffende de vaststelling” van de bestreden verordening overlegt;
—
besluit 2014/49/GBVB van de Raad van 30 januari 2014 tot wijziging van besluit 2011/72/GBVB betreffende restrictieve maatregelen tegen bepaalde personen en entiteiten vanwege de situatie in Tunesië, en uitvoeringsverordening (EU) nr. 81/2014 van de Raad van 30 januari 2014 tot uitvoering van verordening (EU) nr. 101/2011 betreffende restrictieve maatregelen tegen bepaalde personen en entiteiten in verband met de situatie in Tunesië nietig verklaren;
—
de Raad van de Europese Unie veroordelen om aan verzoeker een totaalbedrag van 1 00 000 EUR te betalen als vergoeding voor zijn schade, uit welke oorzaak ook;
—
de Raad van de Europese Unie veroordelen om aan verzoeker een bedrag van 30 000 EUR te betalen voor de kosten van zijn verdediging in het kader van de onderhavige vordering, naast de krachtens artikel 91 van het Reglement voor de procesvoering uit hoofde van kosten van verdediging invorderbare kosten;
—
de Raad van de Europese Unie verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Tot staving van zijn beroep voert verzoeker zeven middelen aan die in wezen gelijk zijn aan of overeenkomen met die welke zijn aangevoerd in zaak T-301/11, Ben Ali/Raad. (1)
(1) PB 2011, C 226, blz. 29.
Full & Egal Universal Law Academy