3.11.2014
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 388/21
Beroep ingesteld op 30 augustus 2014 — ADR Center/Commissie
(Zaak T-644/14)
2014/C 388/25
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: ADR Center Srl (Rome, Italië) (vertegenwoordiger: L. Tantalo, advocaat)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
Verzoekster verzoekt het Gerecht:
—
het besluit van de Commissie om een terugbetalingsvordering in te stellen tegen ADR Center, dat is neergelegd in haar brief van 27 juni 2014, nietig te verklaren;
—
de onmiddellijke betaling te gelasten van het aan ADR Center verschuldigde saldo (79 700,40 EUR), overeenkomstig de pro-formafactuur en kredietnota’s van 13 november 2013;
—
de onmiddellijke vergoeding te gelasten van de schade die de internationale reputatie van ADR Center heeft opgelopen, alsook van de tijd die haar leidinggevend personeel heeft besteed aan het verweer tegen een ongegronde vordering;
—
verweerster en eventuele interveniënten te verwijzen in de kosten van deze procedure, ten belope van een bedrag dat het Gerecht naar billijkheid vaststelt.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekster vier middelen aan.
1.
Het bestreden besluit moet nietig worden verklaard op grond dat de Commissie de audit heeft uitgevoerd en vervolgens invorderingsopdrachten heeft afgegeven op basis van een geheel van regels dat niet door partijen in onderlinge overeenstemming is bepaald.
2.
Het bestreden besluit moet nietig worden verklaard op grond dat de Commissie de publicatie van de definitieve auditverslagen en de afgifte van de overeenkomstige invorderingsopdrachten onredelijk lang heeft uitgesteld.
3.
De Commissie heeft niet voldaan aan de op haar rustende vereisten inzake de bewijslast. Verzoekster betoogt dienaangaande dat de Commissie haar definitieve financiële audit en de daaropvolgende invorderingsopdrachten heeft gebaseerd op onbewezen bevindingen.
4.
De bevindingen die zijn geformuleerd in de audit van de Commissie waren onjuist. Verzoekster betwist deze bevindingen en voert dienaangaande aan dat het auditverslag berust op een aantal kennelijke procedurele en inhoudelijke fouten. Verzoekster betoogt tevens dat de Commissie niet alleen heeft nagelaten om de door haar afgegeven opdrachten te herzien, maar ook zonder meer heeft genegeerd dat ADR Center op bepaalde problemen had gewezen en met geen van deze problemen rekening heeft willen houden.
Full & Egal Universal Law Academy