2.3.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 73/42
Beroep ingesteld op 24 december 2014 — Alfamicro/Commissie
(Zaak T-831/14)
(2015/C 073/54)
Procestaal: Portugees
Partijen
Verzoekende partij: Alfamicro — Sistemas de Computadores, Sociedade Unipessoal, Lda (Cascais, Portugal) (vertegenwoordigers: G. Gentil Anastácio en D. Pirra Xarepe, advocaten)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
het in het kader van financiële controle 12-DAS-03 vastgestelde besluit van de Commissie van 28 oktober 2014 betreffende Grant Agreement nr. 238882 nietig verklaren en daaraan alle wettelijke gevolgen verbinden, met name door de daarin vervatte debetnota ten bedrage van 4 67 131 EUR nietig te verklaren en een creditnota voor hetzelfde bedrag aan verzoekster uit te reiken
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert de verzoekende partij vier middelen aan.
1.
Eerste middel: schending van het evenredigheidsbeginsel. In het kader van het project Save Energy hebben verzoekster en de Commissie een Grant Agreement met betrekking tot de cofinanciering van dat project gesloten. Verzoekster betoogt dat zij alle doelstellingen van het project heeft bereikt en dat de Commissie in bovengenoemd besluit van 28 oktober 2014 (hiernaar: „bestreden besluit”) enkel heeft gekeken naar formele en zuiver boekhoudkundige en documentaire aspecten, maar geen rekening heeft gehouden met de behaalde resultaten. De betaling van het gevorderde bedrag vormt een buitensporige last voor verzoekster als kleine en middelgrote onderneming en beperkt haar handelingsvrijheid, en druist dus duidelijk in tegen het evenredigheidsbeginsel.
2.
Tweede middel: schending van het vertrouwensbeginsel en van het beginsel van behoorlijk bestuur. De Commissie heeft immers gedurende de 32 maanden dat de uitvoering van het project in beslag nam nooit kritiek uitgeoefend op de werkmethode van verzoekster. Verzoekster leidde daaruit af dat de Commissie akkoord ging met de haar verstrekte gegevens. Het bestreden besluit vormt dus een zware aanslag op de rechtszekerheid. Voorts sterkte het feit dat de Commissie de in het bestreden besluit vermelde onregelmatigheden niet tijdig heeft vastgesteld, verzoekster in de overtuiging dat zij zich correct gedroeg. De aldus ontstane overtuiging moet krachtens het vertrouwensbeginsel worden beschermd. De Commissie heeft dus niet voldaan aan haar controleverplichting en heeft bijgevolg het beginsel van behoorlijk bestuur geschonden.
3.
Derde middel: schending van de overeenkomst. De Commissie heeft namelijk zware beoordelingsfouten begaan, aangezien zij geen rekening heeft gehouden met de toelichting en de argumenten die verzoekster heeft verstrekt, en de documenten en inlichtingen die verzoekster tijdig heeft verstrekt, verkeerd heeft beoordeeld. Door het bestreden besluit vast te stellen, heeft de Commissie inbreuk gemaakt op de Grant Agreement. Verzoekster heeft in haar communicatie met de Commissie aangetoond dat zij zich aan de contractuele bepalingen heeft gehouden en de voorwaarden heeft vervuld die nodig waren om in aanmerking te komen voor financiering in het kader van het project Save Energy.
4.
Vierde middel: niet-nakoming van de motiveringsplicht, aangezien de motivering van het besluit van de Commissie uiterst beknopt is en geen beschrijving bevat van de feiten of handelingen die zijn onderzocht en beoordeeld.
Full & Egal Universal Law Academy