13.2.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 46/7
Arrest van het Hof (Zesde kamer) van 15 december 2016 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Tribunal da Relação do Porto — Portugal) — Alberto José Vieira de Azevedo e.a./CED Portugal Unipessoal, Lda en Instituto de Seguros de Portugal — Fundo de Garantia Automóvel
(Zaak C-558/15) (1)
((Prejudiciële verwijzing - Verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe de deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven en de controle op de verzekering tegen deze aansprakelijkheid - Richtlijn 2000/26/EG - Artikel 4, lid 5 - Verzekeringsonderneming - Schaderegelaar - Voldoende bevoegdheden tot vertegenwoordiging - Dagvaarding voor de rechter))
(2017/C 046/08)
Procestaal: Portugees
Verwijzende rechter
Tribunal da Relação do Porto
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Alberto José Vieira de Azevedo, Maria da Conceição Ferreira da Silva, Carlos Manuel Ferreira Alves, Rui Dinis Ferreira Alves en Vítor José Ferreira Alves
Verwerende partijen: CED Portugal Unipessoal, Lda en Instituto de Seguros de Portugal — Fundo de Garantia Automóvel
in tegenwoordigheid van: Instituto de Seguros de Portugal — Fundo de Acidentes de Trabalho
Dictum
Artikel 4 van richtlijn 2000/26/EG van het Europees Parlement en de Raad van 16 mei 2000 inzake de onderlinge aanpassing van de wetgevingen van de lidstaten betreffende de verzekering tegen de wettelijke aansprakelijkheid waartoe deelneming aan het verkeer van motorrijtuigen aanleiding kan geven en houdende wijziging van de richtlijnen 73/239/EEG en 88/357/EEG van de Raad (Vierde richtlijn motorrijtuigenverzekering), zoals gewijzigd bij richtlijn 2005/14/EG van het Europees Parlement en de Raad van 11 mei 2005, moet aldus worden uitgelegd dat de lidstaten niet verplicht zijn te bepalen dat de op grond van dit artikel met de schaderegeling belaste vertegenwoordiger, in plaats van de door hem vertegenwoordigde verzekeringsonderneming, zelf kan worden gedagvaard voor de nationale rechter bij wie een schadevordering is ingesteld door een benadeelde als bedoeld in artikel 1 van richtlijn 2000/26, zoals gewijzigd bij richtlijn 2005/14.
(1) PB C 16 van 18.1.2016.
Full & Egal Universal Law Academy