1.2.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 38/17
Beschikking van het Hof (Zesde kamer) van 19 november 2015 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Curtea de Apel Oradea — Roemenië) — Dumitru Tarcău, Ileana Tarcău/Banca Comercială Intesa Sanpaolo România SA e.a.
(Zaak C-74/15) (1)
([Prejudiciële verwijzing - Artikel 99 van het Reglement voor de procesvoering van het Hof - Bescherming van de consument - Richtlijn 93/13/EEG - Artikelen 1, lid 1, en 2, onder b) - Oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten - Borgtochtovereenkomst en hypotheekovereenkomst die zijn gesloten tussen een kredietinstelling en natuurlijke personen die handelen voor doeleinden die buiten hun bedrijfs- of beroepsactiviteit vallen en die geen functionele band hebben met de vennootschap waarvoor zij zekerheid stellen])
(2016/C 038/25)
Procestaal: Roemeens
Verwijzende rechter
Curtea de Apel Oradea
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Dumitru Tarcău, Ileana Tarcău
Verwerende partijen: Banca Comercială Intesa Sanpaolo România SA Arad, Banca Comercială Intesa Sanpaolo România SA — Sucursala Baia Mare, Cristian Tarcău, Corina Tarcău, SC Magenta, in liquidatie, SC Crisco SRL
Dictum
De artikelen 1, lid 1, en 2, onder b), van richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993 betreffende oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten moeten aldus worden uitgelegd dat deze richtlijn van toepassing kan zijn op een hypotheek of borgtochtovereenkomst die tussen een natuurlijke persoon en een kredietinstelling is gesloten ter waarborging van de verplichtingen die een vennootschap in een kredietovereenkomst jegens die instelling is aangegaan, wanneer die natuurlijke persoon heeft gehandeld voor doeleinden die buiten zijn bedrijfs- of beroepsactiviteit vallen en geen functionele band heeft met die vennootschap.
(1) PB C 171 van 26.5.2015.
Full & Egal Universal Law Academy