11.5.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 155/15
Verzoek om een prejudiciële beslissing, ingediend door de Hof van beroep te Antwerpen (België) op 25 februari 2015 — Sven Mathys tegen De Grave Antverpia NV
(Zaak C-92/15)
(2015/C 155/16)
Procestaal: Nederlands
Verwijzende rechter
Hof van beroep te Antwerpen
Partijen in het hoofdgeding
Verzoeker: Sven Mathys
Verweerster: De Grave Antverpia NV
Prejudiciële vraag
Is artikel 3 van de Belgische wet van 5 mei 1936 op de binnenbevrachting [WBB] verenigbaar met de artikelen 1 en 2 van richtlijn 96/75/EG (1) in zoverre een niet-eigenaar noch exploitant van een binnenschip een vervoersovereenkomst voor goederenvervoer over de binnenwateren als vervoerder zou afsluiten en niet zou optreden als tussenpersoon „bevrachter” in de zin van artikel 3, WBB?
(1) Richtlijn van de Raad van 19 november 1996 houdende voorschriften inzake bevrachting en prijsvorming in de sector nationaal en internationaal goederenvervoer over de binnenwateren in de Gemeenschap (PB L 304, blz. 12).
Full & Egal Universal Law Academy