24.8.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 279/20
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Court of Appeal (England & Wales) (Civil Division) (Verenigd Koninkrijk) op 8 juni 2015 — Swiss International Air Lines AG/The Secretary of State for Energy and Climate Change, Environment Agency
(Zaak C-272/15)
(2015/C 279/25)
Procestaal: Engels
Verwijzende rechter
Court of Appeal (England & Wales) (Civil Division)
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partij: Swiss International Air Lines AG
Verwerende partijen: The Secretary of State for Energy and Climate Change, Environment Agency
Prejudiciële vragen
1)
Schendt besluit nr. 377/2013/EU (1) van het Europees Parlement en de Raad van 24 april 2013, („besluit”) het algemene EU-beginsel van gelijke behandeling, voor zover daarbij een moratorium is ingesteld inzake de krachtens richtlijn 2003/87/EG (2) van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van richtlijn 96/61/EG van de Raad (zoals gewijzigd bij verschillende instrumenten, waaronder richtlijn 2008/101/EG (3) van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008) vereiste inlevering van emissierechten voor vluchten tussen EER-landen en bijna alle niet-EER-landen, zonder dat dat moratorium is uitgebreid tot vluchten tussen EER-landen en Zwitserland?
2)
Zo ja, welke voorzieningen moeten voor een verzoeker in de situatie van Swiss International Airlines AG, die emissierechten heeft ingeleverd voor vluchten die in 2012 plaatsvonden tussen EER-landen en Zwitserland, worden getroffen tot herstel in de positie waarin hij zou hebben verkeerd zonder de uitsluiting van het moratorium van vluchten tussen EER-landen en Zwitserland? In het bijzonder:
(a)
Moet het register worden gecorrigeerd om het geringere aantal rechten weer te geven dat deze verzoeker had moeten inleveren indien de vluchten van of naar Zwitserland onder het moratorium waren gevallen?
(b)
Zo ja, wat moet de nationale bevoegde autoriteit en/of de nationale rechter (in voorkomend geval) ondernemen om de extra ingeleverde rechten terug te geven aan deze verzoeker?
(c)
Mag een dergelijke verzoeker krachtens artikel 340 VWEU schadevergoeding vorderen van het Europees Parlement en de Raad voor enig verlies dat hij heeft geleden wegens de inlevering van extra rechten ten gevolge van het besluit?
(d)
Moeten voor de verzoeker andere voorzieningen worden getroffen en, zo ja, welke?
(1) Besluit nr. 377/2013/EU van het Europees Parlement en de Raad van 24 april 2013 tot tijdelijke afwijking van Richtlijn 2003/87/EG tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap (PB L 113, blz. 1).
(2) Richtlijn 2003/87/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 oktober 2003 tot vaststelling van een regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap en tot wijziging van richtlijn 96/61/EG van de Raad (PB L 275, blz. 32).
(3) Richtlijn 2008/101/EG van het Europees Parlement en de Raad van 19 november 2008 tot wijziging van Richtlijn 2003/87/EG teneinde ook luchtvaartactiviteiten op te nemen in de regeling voor de handel in broeikasgasemissierechten binnen de Gemeenschap (PB L 8, blz. 3).
Full & Egal Universal Law Academy