16.11.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 381/25
Hogere voorziening ingesteld op 24 september 2015 door Fapricela — Indústria de Trefilaria, SA tegen het arrest van het Gerecht (Zesde kamer) van 15 juli 2015 in zaak T-398/10, Fapricela/Commissie
(Zaak C-510/15 P)
(2015/C 381/27)
Procestaal: Portugees
Partijen
Rekwirante: Fapricela — Indústria de Trefilaria, SA (vertegenwoordigers: T. Caiado Guerreiro en R. Rodrigues Lopes, advogados)
Andere partij in de procedure: Europese Commissie
Conclusies
(i)
correctie van de verkoopcijfers waarmee rekening is gehouden bij de berekening van het boetebedrag;
(ii)
gedeeltelijke vernietiging van het bestreden arrest voor zover het gaat om:
—
de verkoopcijfers waarmee rekening moet worden gehouden;
—
de bewijslast met betrekking tot de duur van de deelname aan het kartel;
—
de vaststelling van een percentage voor de ernst van de inbreuk dat hoger is dan dat van Fundia, en
—
de oplegging van een buitensporig hoog aanvullend bedrag;
(iii)
dienovereenkomstige correctie van de hoogte van het boetebedrag, met name via:
—
de correctie van de verkoopcijfers;
—
de correctie van de duur van de inbreuk;
—
de correctie van het jaar dat in aanmerking is genomen bij de berekening van het boetebedrag;
—
de correctie van het percentage voor de ernst van de inbreuk, door vaststelling van het percentage voor de ernst van de inbreuk op 16 % (dus hetzelfde percentage als Fundia), en
—
de correctie van het aanvullend bedrag;
(iv)
verwijzing van de Commissie in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
a)
De verkoopcijfers waarmee de Commissie bij de berekening van het boetebedrag rekening heeft gehouden en die ook door het Gerecht zijn gehanteerd, bevatten kennelijke fouten die moeten worden gecorrigeerd.
b)
Het Gerecht heeft de bewijslast onjuist verdeeld en zich daarmee bij de beoordeling van de feiten schuldig gemaakt aan schending van de onschuldpresumptie.
c)
Het Gerecht heeft niet voldaan aan de motiveringsverplichting en bij de berekening van het boetebedrag tevens het beginsel van gelijke behandeling geschonden, hetgeen tot een buitensporig hoog percentage voor de ernst van de inbreuk heeft geleid.
d)
Het Gerecht heeft bij de vaststelling van het aanvullend bedrag voor afschrikkende werking het evenredigheidsbeginsel geschonden, wat met name invloed heeft op de evenredigheid van de boete.
Full & Egal Universal Law Academy