18.1.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 16/18
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Tribunale di Santa Maria Capua Vetere (Italië) op 16 oktober 2015 — Strafzaak tegen Angela Manzo
(Zaak C-542/12)
(2016/C 016/22)
Procestaal: Italiaans
Verwijzende rechter
Tribunale di Santa Maria Capua Vetere
Partijen in de strafzaak
Angela Manzo
Prejudiciële vragen
1)
Moeten de artikelen 49 en [56 VWEU] en het beginsel van gelijke behandeling en het effectiviteitsbeginsel aldus moeten worden uitgelegd dat zij zich verzetten tegen een nationale wettelijke regeling op het vlak van kansspelen op grond waarvan een nieuwe aanbesteding (zoals geregeld in artikel [10, lid 9] van wet nr. 44 van 26 april 2012) voor het verlenen van concessies wordt uitgeschreven, met daarin clausules die voorzien in uitsluiting van de aanbesteding wegens het niet voldoen aan het vereiste van economische en financiële draagkracht, zulks omdat daarin niet is voorzien in andere criteria dan het overleggen van twee bankreferenties die van verschillende financiële instellingen afkomstig zijn?
2)
Moet artikel 47 van richtlijn 2004/18/EG (1) van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 aldus worden uitgelegd dat het zich verzet tegen een nationale wettelijke regeling op het vlak van kansspelen op grond waarvan een nieuwe aanbesteding (zoals geregeld in artikel [10, lid 9] van wet nr. 44 van 26 april 2012) voor het verlenen van concessies wordt uitgeschreven[, met daarin clausules die voorzien in uitsluiting van de aanbesteding wegens het niet voldoen aan het vereiste] van economische en financiële draagkracht, zulks omdat daarin — anders dan in de [supra]nationale regelgeving — niet is voorzien in andere documenten of keuzemogelijkheden?
3)
Verzetten de artikelen 49 en [56 VWEU] zich tegen een nationale wettelijke regeling die elke grensoverschrijdende activiteit in de kansspelsector feitelijk verhindert, ongeacht de vorm waarin die activiteit wordt verricht en meer bepaald (volgens de vaststellingen in het arrest Biasci CGE, Derde kamer, 12 september 2013 [C-660/11]) in gevallen waarin bij de tussenpersonen van de onderneming die zich op het nationale grondgebied bevinden, een fysieke controle worden verricht met het oog op de openbare veiligheid?
(1) Richtlijn 2004/18/EG van het Europees Parlement en de Raad van 31 maart 2004 betreffende de coördinatie van de procedures voor het plaatsen van overheidsopdrachten voor werken, leveringen en diensten (PB L 134, blz. 114).
Full & Egal Universal Law Academy