7.3.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 90/5
Verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door het Bayerische Verwaltungsgerichtshof (Duitsland) op 3 december 2015 — Bund Naturschutz in Bayern e.V., Harald Wilde/Freistaat Bayern
(Zaak C-645/15)
(2016/C 090/08)
Procestaal: Duits
Verwijzende rechter
Bayerischer Verwaltungsgerichtshof
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Bund Naturschutz in Bayern e.V., Harald Wilde
Verwerende partij: Freistaat Bayern
Prejudiciële vragen
1)
Moet het bepaalde onder 7c van bijlage I bij richtlijn 2011/92/EU (1) van het Europees Parlement en de Raad van 13 december 2011 betreffende de milieueffectbeoordeling van bepaalde openbare en particuliere projecten (hierna: „richtlijn 2011/92”) aldus worden uitgelegd dat daaronder ook de verbreding valt van bestaande wegen die vier of meer rijstroken hebben?
2)
Bij een bevestigend antwoord op de eerste vraag:
Is het bepaalde onder 7c van bijlage I bij richtlijn 2011/92 een specifieker en dus bij voorrang op het bepaalde onder 7b van bijlage I bij richtlijn 2011/92 toe te passen voorschrift?
3)
Bij een ontkennend antwoord op de eerste of de tweede vraag:
Veronderstelt het begrip „autowegen” in het bepaalde onder 7b van bijlage I bij richtlijn 2011/92 dat het bij het betrokken stuk weg gaat om een hoofdverkeersweg van het internationaal wegennet in de zin van de Europese overeenkomst inzake internationale hoofdverkeerswegen?
4)
Bij een ontkennend antwoord op de eerste, de tweede of de derde vraag:
Moet het begrip „aanleg” in het bepaalde onder 7b van bijlage I bij richtlijn 2011/92 worden toegepast op een wegverbreding waarbij het bestaande wegtracé geen wezenlijke verandering ondergaat?
5)
Bij een bevestigend antwoord op de vierde vraag:
Veronderstelt het begrip „aanleg” in het bepaalde onder 7b van bijlage I bij richtlijn 2011/92 een minimumlengte van het betrokken stuk weg? Zo ja, moet worden uitgegaan van een ononderbroken stuk weg? Zo ja, bedraagt de minimumlengte meer dan 2,6 km ononderbroken respectievelijk — als de lengte van meerdere niet doorlopende stukken weg moet worden samengeteld — meer dan 4,4 km in totaal?
6)
Bij een ontkennend antwoord op de vijfde vraag:
Is het bepaalde onder 7b, tweede geval (aanleg van autowegen), van bijlage I bij richtlijn 2011/92 toepasselijk op een maatregel van wegverbreding binnen een bebouwd gebied in de zin van de Europese overeenkomst inzake internationale hoofdverkeerswegen?
(1) PB L 26, blz. 1.
Full & Egal Universal Law Academy