8.6.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 190/23
Beroep ingesteld op 27 maart 2015 — Frankrijk/Commissie
(Zaak T-156/15)
(2015/C 190/28)
Procestaal: Frans
Partijen
Verzoekende partij: Franse Republiek (vertegenwoordigers: F. Alabrune, G. de Bergues, D. Colas en C. Candat, gemachtigden)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
De verzoekende partij verzoekt het Gerecht:
—
besluit C(2015) 53 final van de Commissie van 16 januari 2015 houdende onttrekking aan EU-financiering van bepaalde uitgaven die de lidstaten hebben verricht in het kader van het Europees Landbouwgarantiefonds (ELGF) of in het kader van het Europees Landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling (Elfpo) gedeeltelijk nietig te verklaren, voor zover het in het kader van rechtstreekse steun is gebaseerd op vaststellingen die niet zijn genoemd in de mededelingen van de Commissie en voor zover het controlesysteem niet de goede toepassing van de Uniewetgeving inzake een goede landbouw- en milieuconditie in de aanvraagjaren 2011 en 2012 kan verzekeren;
—
besluit C(2015) 53 final gedeeltelijk nietig te verklaren, voor zover het van de financiering van de Unie uitsluit alle uitgaven, die op het gebied van oppervlaktegebonden steun in Haute Corse in de aanvraagjaren 2010 en volgende zijn verricht;
—
besluit C (2015) 53 final gedeeltelijk nietig te verklaren, voor zover het van de financiering door de Unie uitsluit de uitgaven die door de Franse Republiek zijn verricht in het kader van de steun Compenserende vergoeding voor natuurlijke belemmeringen betreffende as 2 van het Franse plattelandsontwikkelingsprogramma in de begrotingsjaren 2010, 2011, 2012 en 2013. Subsidiair dit besluit gedeeltelijk nietig verklaren, voor zover het van financiering door de Europese Unie uitsluit het gedeelte van de uitgaven dat door de Franse Republiek is verricht in het kader van de CVNB-steun voor schapen waarvoor controles ter plaatse zijn verricht in het kader van de controles van de identificatie van dieren;
—
besluit C(2015) 53 final gedeeltelijk nietig te verklaren, voor zover het van financiering door de Unie uitsluit de uitgaven die door de Franse Republiek zijn verricht op het gebied van herstructurering van de suikerindustrie tot 25 % van de uitgaven voor steun die was betaald aan suikerproducenten die steun ontvingen voor volledige ontmanteling, maar opslagsilo’s hebben laten staan; subsidiair dit besluit gedeeltelijk nietig te verklaren, voor zover de opgelegde financiële correctie van 25 % van de uitgaven voor steun die is betaald aan suikerproducenten die steun ontvingen voor volledige ontmanteling, maar opslagsilo’s hebben laten staan, onevenredig is;
—
de Commissie in de kosten te verwijzen.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekende partij acht middelen aan, die betrekking hebben op drie aspecten van het bestreden besluit.
—
Inzake het deel van het bestreden besluit dat betrekking heeft op de sector rechtstreekse steun van de eerste pijler in voor de begrotingsjaren 2011, 2012 en 2013
1.
Eerste middel: schending van artikel 11, lid 1, van verordening (EG) nr. 885/2006 (1) en van de rechten van verdediging van verzoekende partij, voor zover de forfaitaire correctie die op alle steunbetalingen in bovengenoemde sector, met uitzondering van Haute-Corse, is toegepast, is gebaseerd op gebreken die niet aan verzoekende partij zijn gecommuniceerd.
2.
Tweede, subsidiaire middel: schending van artikel 6, lid 1, van verordening (EG) nr. 73/2009 (2) en van bijlage III bij deze verordening.
3.
Derde middel: schending van artikel 11, lid 1, van verordening (EG) 885/2006 en van de rechten van verdediging van verzoekende partij, voor zover de financiële correctie die in die sector op alle steunuitgaven in Haute-Corse is toegepast, is gebaseerd op gebreken die niet aan verzoekende partij zijn gecommuniceerd.
4.
Vierde, deels subsidiaire middel: schending van het evenredigheidsbeginsel en niet-inachtneming van document nr. VI/5330/97 van de Commissie van 23 december 1997, getiteld „Berekening van de financiële consequenties bij de voorbereiding van de beschikking inzake de goedkeuring van de rekeningen in het kader van de EOGFL-garantie”.
—
Inzake het deel van het bestreden besluit dat betrekking heeft op de compenserende vergoeding voor natuurlijke belemmeringen van as 2 van het Franse plattelandsontwikkelingsprogramma — Elfpo
5.
Vijfde middel: schending van de artikelen 10, leden 2 en 4, en 14, lid 2, van verordening (EG) nr. 1975/2006 (3), omdat de Commissie ten onrechte was mening was, dat verzoekende partij niet had voldaan aan haar verplichtingen aangaande controles, omdat zij tijdens controles ter plaatse de dieren niet zou hebben geteld.
6.
Zesde, subsidiaire middel: onrechtmatige uitbreiding van de forfaitaire correctie tot schapen die niet in aanmerking komen voor ooienpremies.
—
Inzake het deel van het bestreden besluit dat betrekking heeft op de financiële correctie die is toegepast op het gebied van de herstructurering van de suikerindustrie
7.
Zevende middel: schending van de artikelen 3 en 4 van verordening 320/2006 (4) en van artikel 4 van verordening (EG) nr. 968/2006 (5), omdat de Commissie van de financiering door de Unie bepaalde uitgaven, die door verzoekende partij op bovengenoemd gebied zijn verricht, heeft uitgesloten, met als reden dat de opslagsilo’s voor suiker die op vier plaatsen in Frankrijk zijn blijven staan productie-installaties voor suiker zouden zijn.
8.
Achtste, subsidiaire middel: schending van het evenredigheidsbeginsel en het beginsel van gelijke behandeling.
(1) Verordening (EG) nr. 885/2006 van de Commissie van 21 juni 2006 houdende uitvoeringsbepalingen van verordening (EG) nr. 1290/2005 van de Raad met betrekking tot de erkenning van de betaalorganen en andere instanties en de goedkeuring van de rekeningen inzake het ELGF en het ELFPO (PB L 171, blz. 90).
(2) Verordening (EG) nr. 73/2009 van de Raad van 19 januari 2009 tot vaststelling van gemeenschappelijke voorschriften voor regelingen inzake rechtstreekse steunverlening aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk landbouwbeleid en tot vaststelling van bepaalde steunregelingen voor landbouwers, tot wijziging van verordeningen (EG) nr. 1290/2005, (EG) nr. 247/2006, (EG) nr. 378/2007 en tot intrekking van verordening (EG) nr. 1782/2003 (PB L 30, blz. 16).
(3) Verordening (EG) nr. 1975/2006 van de Commissie van 7 december 2006 houdende uitvoeringsbepalingen van verordening (EG) nr. 1698/2005 van de Raad met betrekking tot de toepassing van controleprocedures en van de randvoorwaarden in het kader van de steunmaatregelen voor plattelandsontwikkeling (PB L 368, blz. 74).
(4) Verordening (EG) nr. 320/2006 van de Raad van 20 februari 2006 tot instelling van een tijdelijke regeling voor de herstructurering van de suikerindustrie in de Europese Gemeenschap en tot wijziging van verordening (EG) nr. 1290/2005 betreffende de financiering van het gemeenschappelijk landbouwbeleid (PB L 58, blz. 42).
(5) Verordening (EG) nr. 968/2006 van de Commissie van 27 juni 2006 houdende uitvoeringsbepalingen voor verordening (EG) nr. 320/2006 van de Raad tot instelling van een tijdelijke regeling voor de herstructurering van de suikerindustrie in de Europese Gemeenschap (PB L 176, blz. 32).
Full & Egal Universal Law Academy