6.7.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 221/25
Beroep ingesteld op 29 april 2015 — Azarov/Raad
(Zaak T-215/15)
(2015/C 221/34)
Procestaal: Duits
Partijen
Verzoekende partij: Mykola Yanovych Azarov (Kiev, Oekraïne) (vertegenwoordigers: G. Lansky en A. Egger, advocaten)
Verwerende partij: Raad van de Europese Unie
Conclusies
—
overeenkomstig artikel 263 VWEU besluit 2015/364/GBVB van de Raad van 5 maart 2015 tot wijziging van besluit 2014/119/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen, entiteiten en lichamen in het licht van de situatie in Oekraïne (PB L 62, blz. 25) en uitvoeringsverordening (EU) 2015/357 van de Raad van 5 maart 2015 tot uitvoering van verordening (EU) nr. 208/2014 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen, entiteiten en lichamen in het licht van de situatie in Oekraïne (PB L 62, blz. 1) nietig verklaren, voor zover zij betrekking hebben op verzoekende partij;
—
overeenkomstig artikel 64 van het Reglement voor de procesvoering van het Gerecht bepaalde maatregelen tot organisatie van de procesgang treffen, en
—
overeenkomstig artikel 87, lid 2, van het Reglement voor de procesvoering de Raad verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van haar beroep voert verzoekende partij vijf middelen aan.
1.
Eerste middel: schending van de motiveringsplicht
In dit verband wordt onder andere aangevoerd dat de motivering van de bestreden rechtshandeling met betrekking tot verzoekende partij te algemeen is.
2.
Tweede middel: schending van de grondrechten
In het kader van dit middel voert verzoekende partij schending van het recht op eigendom en schending van de vrijheid van ondernemerschap aan. Zij klaagt voorts over de onevenredigheid van de opgelegde beperkende maatregelen. Ten slotte voert zij aan dat haar rechten van verdediging zijn geschonden.
3.
Derde middel: misbruik van bevoegdheid
Verzoekende partij voert in dit verband onder ander aan, dat de Raad zijn bevoegdheid misbruikt heeft, omdat met het opleggen van de beperkende maatregelen aan verzoekende partij overwegend andere doeleinden worden nagestreefd dan de feitelijke versterking en ondersteuning van de rechtsstaat en eerbieding van de mensenrechten in Oekraïne.
4.
Vierde middel: schending van het beginsel van behoorlijk bestuur
In het kader van dit middel klaagt verzoekende partij met name over de schending van het recht op een onpartijdige behandeling, de schending van het recht op een rechtvaardige of eerlijke behandeling en de schending van het recht op een zorgvuldig onderzoek van de feiten.
5.
Vijfde middel: kennelijke beoordelingsfout
Full & Egal Universal Law Academy