7.9.2015
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 294/71
Beroep ingesteld op 29 mei 2015 — Hmicho/Raad
(Zaak T-275/15)
(2015/C 294/86)
Procestaal: Engels
Partijen
Verzoekende partij: Samir Hmicho (Poole, Verenigd Koninkrijk) (vertegenwoordigers: V. Davies, solicitor, en T. Eicke, QC)
Verwerende partij: Raad van de Europese Unie
Conclusies
—
Besluit 2013/255/GBVB van de Raad van 31 mei 2013 betreffende beperkende maatregelen tegen Syrië (PB L 147, blz. 14) en/of uitvoeringsbesluit (GBVB) 2015/383 van de Raad van 6 maart 2015 houdende uitvoering van besluit 2013/255/GBVB betreffende beperkende maatregelen tegen Syrië (PB L 64, blz. 41) en/of uitvoeringsbesluit (GBVB) 2015/784 van de Raad van 19 mei 2015 houdende uitvoering van besluit 2013/255/GBVB van de Raad betreffende beperkende maatregelen tegen Syrië (PB L 124, blz. 13) nietig verklaren voor zover zij verzoeker betreffen;
—
verordening (EU) nr. 36/2012 van de Raad van 18 januari 2012 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië (PB L 16, blz. 1) en/of uitvoeringsverordening (EU) 2015/375 van de Raad van 6 maart 2015 tot uitvoering van verordening (EU) nr. 36/2012 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië (PB L 124, blz. 1) en/of uitvoeringsverordening (EU) 2015/780 van de Raad van 19 mei 2015 tot uitvoering van verordening (EU) nr. 36/2012 betreffende beperkende maatregelen in het licht van de situatie in Syrië (PB L 64, blz. 10) nietig verklaren voor zover zij verzoeker betreffen;
—
het besluit van de Raad in zijn brief van 20 mei 2015 met referentie SGS15/06024, waarbij de plaatsing van verzoeker op de lijsten wordt bevestigd en „de informatie betreffende [verzoeker] zoals opgenomen in het uitvoeringsbesluit en de uitvoeringsverordening van de Raad wordt gewijzigd” nietig verklaren;
—
de Europese Unie gelasten verzoeker te vergoeden;
—
de Raad verwijzen in de kosten.
Middelen en voornaamste argumenten
Ter ondersteuning van zijn beroep voert verzoeker twee middelen aan.
Eerste middel: er is geen rechtsgrondslag voor beperkende maatregelen tegen verzoeker en/of er is sprake van een kennelijk onjuiste beoordeling, op grond dat er geen redelijk verband bestaat tussen hem en de personen ten aanzien van wie de Unie beperkende maatregelen wenste vast te stellen, namelijk personen die voordeel halen uit of steun verlenen aan het Syrische regime.
Tweede middel: besluiten 2013/255/GBVB, 2015/383 en 2015/784 van de Raad, verordeningen nr. 36/2012, nr. 2015/375 en nr. 2015/780 van de Raad en/of het besluit van 20 mei 2015 schenden verzoekers grondrechten zoals gewaarborgd door het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie en/of het Europees Verdrag voor de rechten van de mens, waaronder zijn recht op menselijke waardigheid, het recht op behoorlijk bestuur, met inbegrip van het recht van verweer, de motiveringsplicht en het vermoeden van onschuld, het recht op een doeltreffende voorziening in rechte en op een onpartijdig gerecht, het recht op eerbiediging van zijn privéleven en van het familie- en gezinsleven, de vrijheid van ondernemerschap en zijn recht op eigendom.
Full & Egal Universal Law Academy