15.2.2016
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 59/43
Beroep ingesteld op 18 december 2015 — Aurubis e.a./Commissie
(Zaak T-738/15)
(2016/C 059/50)
Procestaal: Duits
Partijen
Verzoekende partijen: Aurubis AG (Hamburg, Duitsland), Aurubis Stolberg GmbH & Co. KG (Stolberg, Duitsland), Covestro Deutschland AG (Leverkusen, Duitsland), Dow Olefinverbund GmbH (Schkopau, Duitsland), Rheinkalk GmbH (Wülfrath, Duitsland), Siltronic AG (München, Duitsland), Vestolit GmbH (Marl, Duitsland) en Wacker Chemie AG (München) (vertegenwoordigers: C. Arhold en N. Wimmer, advocaten)
Verwerende partij: Europese Commissie
Conclusies
—
artikel 3, lid 1, van het litigieuze besluit nietig verklaren
—
voor zover daarin wordt vastgesteld dat de in 2013 en 2014 aan energie-intensieve ondernemingen verleende kortingen op de heffing ter financiering van de steun voor elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen (hierna: „EEG-heffing”) (bijzondere compensatieregeling; hierna: „BCR”) een steunmaatregel van de staat in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU vormt of,
—
subsidiair, voor zover daarin wordt vastgesteld dat de BCR een met artikel 108, lid 3, VWEU strijdige en dus onrechtmatige steunmaatregel van de staat vormt;
—
de artikelen 6, 7 en 8 van het litigieuze besluit nietig verklaren voor zover daarin de terugvordering van de steun wordt gelast;
—
de Commissie verwijzen in de kosten van verzoeksters.
Middelen en voornaamste argumenten
Met het onderhavige beroep vorderen verzoeksters de gedeeltelijke nietigverklaring van besluit (EU) 2015/1585 van de Commissie van 25 november 2014 [kennisgeving geschied onder nummer C(2014) 8786 final] betreffende de steunmaatregel SA.33995 (2013/C) (ex 2013/NN), ten uitvoer gelegd door Duitsland inzake steun voor hernieuwbare elektriciteit en voor energie-intensieve ondernemingen (1).
Ter ondersteuning van hun beroep voeren verzoeksters vier middelen aan.
1.
Eerste middel: schending van artikel 107, lid 1, VWEU
De BCR houdt geen overdracht van staatsmiddelen in. Alleen al daarom vormt zij geen staatssteun in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU. Bovendien kent zij energie-intensieve ondernemingen geen selectief economisch voordeel toe.
2.
Tweede middel: schending van artikel 108 VWEU
Door de (gedeeltelijke) terugvordering van de steun te gelasten, heeft de Commissie artikel 108 VWEU geschonden. Zo de regeling van het EEG 2012 (wet van 2012 betreffende hernieuwbare energie) al een steunmaatregel is, had deze immers slechts als een bestaande steunmaatregel mogen worden aangemerkt en niet als een nieuwe, onrechtmatige steunmaatregel.
3.
Derde middel: schending van het vertrouwensbeginsel
Met dit middel wordt betoogd dat de terugvordering van de zogenaamd onrechtmatig toegekende steun het — met name door het besluit van de Commissie over het EEG 2000 (wet van 2000 betreffende hernieuwbare energie) gewekte — gewettigde vertrouwen van verzoeksters in de rechtmatigheid van de nationale regeling schendt.
4.
Vierde middel: schending van artikel 108, lid 1, VWEU juncto artikel 18 van de procedureverordening
Met het vierde middel hekelen verzoeksters het feit dat de Commissie de Bondsrepubliek Duitsland geen dienstige maatregelen heeft voorgesteld alvorens de formele onderzoeksprocedure in te leiden.
(1) PB L 250, blz. 122.
Full & Egal Universal Law Academy