21.8.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 277/15
Arrest van het Hof (Eerste kamer) van 14 juni 2017 (verzoek om een prejudiciële beslissing ingediend door de Tribunale Ordinario di Verona — Italië) — Livio Menini, Maria Antonia Rampanelli/Banco Popolare — Società Cooperativa
(Zaak C-75/16) (1)
([Prejudiciële verwijzing - Bescherming van de consument - Alternatieve beslechting van consumentengeschillen (ADR) - Richtlijn 2008/52/EG - Richtlijn 2013/11/EU - Artikel 3, lid 2 - Verzet van de consument in het kader van een door een kredietinstelling ingeleide procedure tot verkrijging van een betalingsbevel - Recht op toegang tot de rechter - Nationale wetgeving die het gebruik van een bemiddelingsprocedure verplicht stelt - Verplichte bijstand van een advocaat - Voorwaarde voor de ontvankelijkheid van de vordering in rechte])
(2017/C 277/19)
Procestaal: Italiaans
Verwijzende rechter
Tribunale Ordinario di Verona
Partijen in het hoofdgeding
Verzoekende partijen: Livio Menini, Maria Antonia Rampanelli
Verwerende partij: Banco Popolare — Società Cooperativa
Dictum
Richtlijn 2013/11/EU van het Europees Parlement en de Raad van 21 mei 2013 betreffende alternatieve beslechting van consumentengeschillen en tot wijziging van verordening (EG) nr. 2006/2004 en richtlijn 2009/22/EG (richtlijn ADR consumenten), moet aldus worden uitgelegd dat deze richtlijn zich niet verzet tegen een nationale wettelijke regeling zoals die welke aan de orde is in het hoofdgeding, die met betrekking tot geschillen die onder artikel 2, lid 1, van deze richtlijn vallen, het volgen van een procedure van bemiddeling/mediation oplegt als voorwaarde voor de ontvankelijkheid van de vordering in rechte met betrekking tot die geschillen, voor zover die verplichting partijen niet belet hun recht van toegang tot de rechter uit te oefenen.
Daarentegen moet de voornoemde richtlijn aldus worden uitgelegd dat deze richtlijn zich verzet tegen een nationale wettelijke regeling zoals die welke aan de orde is in het hoofdgeding, die erin voorziet dat de consument in het kader van een dergelijke bemiddeling/mediation moet worden bijgestaan door een advocaat en hij zich enkel uit de bemiddelingsprocedure kan terugtrekken indien hij aantoont dat daarvoor een geldige reden bestaat.
(1) PB C 156 van 2.5.2016.