3.7.2017
NL
Publicatieblad van de Europese Unie
C 213/14
Arrest van het Hof (Zevende kamer) van 4 mei 2017 — Europese Commissie/Helleense Republiek
(Zaak C-98/16) (1)
((Niet-nakoming - Belastingen - Vrij verkeer van kapitaal - Artikel 63 VWEU - Artikel 40 van de EER-Overeenkomst - Successierechten - Legaten aan organismen zonder winstoogmerk - Toepassing van een preferentieel tarief op in Griekenland bestaande of wettelijk opgerichte organismen en op soortgelijke buitenlandse organismen onder voorbehoud van wederkerigheid - Verschil in behandeling - Beperking - Rechtvaardiging))
(2017/C 213/15)
Procestaal: Grieks
Partijen
Verzoekende partij: Europese Commissie (vertegenwoordigers: W. Roels en D. Triantafyllou, gemachtigden)
Verwerende partij: Helleense Republiek (vertegenwoordigers: M. Tassopoulou en V. Karra, gemachtigden)
Dictum
1)
Door een wettelijke regeling in te voeren en te handhaven die voorziet in een preferentieel tarief aan successierechten voor legaten aan organismen zonder winstoogmerk die zijn gevestigd in andere lidstaten van de Europese Unie of van de Europese Economische Ruimte onder voorbehoud van wederkerigheid, is de Helleense Republiek de krachtens artikel 63 VWEU en artikel 40 van de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van 2 mei 1992 op haar rustende verplichtingen niet nagekomen.
2)
De Helleense Republiek wordt verwezen in de kosten.
(1) PB C 145 van 25.4.2016.